De regering moet onderzoeken hoeveel jongeren dakloos dreigen te worden door hun aflopende tijdelijke huurcontracten. Ook moet de regering binnen zes maanden met oplossingen komen. Jongeren kunnen door de krappe woningmarkt namelijk geen nieuwe woning vinden, waardoor zij zonder vangnet op straat belanden.
Motie van het lid Beckerman over een onderzoek naar de omvang van dakloosheid onder jongeren met aflopende flexibele huurcontracten
De kamer,
constaterende dat jongeren met een aflopend jongerenhuurcontract door
de vastgelopen woningmarkt structureel geen vervangende woonruimte
kunnen vinden en daardoor dreigen dakloos te worden;
constaterende dat de omvang van dit probleem landelijk niet in beeld is;
overwegende dat het onacceptabel is dat een contractvorm die bedoeld
was als opstap naar de woningmarkt, jongeren zonder vangnet in de
dakloosheid duwt;
overwegende dat de regering tegelijkertijd voorstelt het aantal flexibele
huurcontracten verder uit te breiden, zonder dat de gevolgen hiervan voor
kwetsbare jongeren afdoende zijn onderzocht;
verzoekt de regering onderzoek te doen naar de omvang van het
probleem van dakloosheid onder jongeren met aflopende flexibele
huurcontracten en binnen zes maanden een pakket van oplossingen aan
de Kamer te presenteren.
Argumenten voor: De partij stelt expliciet dat niemand op straat hoeft te slapen en dat dakloosheid een extreme vorm van sociale uitsluiting is [1]. In het programma wordt erkend dat jongeren amper aan een betaalbaar dak boven hun hoofd kunnen komen [2] en dat de lange wachttijden op woningen onacceptabel zijn [3]. Daarnaast bekritiseert de partij de liberalisering van de huurmarkt, die heeft bijgedragen aan de woningcrisis [5], en wil zij huisuitzettingen om financiële redenen verbieden [4]. Het onderzoek naar de omvang van dakloosheid onder jongeren en het bieden van oplossingen sluit direct aan bij deze standpunten.
Argumenten tegen: Er is in de verstrekte fragmenten geen informatie te vinden die wijst op een tegenstand tegen het onderzoeken van dakloosheid onder jongeren of tegen het aanpakken van de gevolgen van flexibele huurcontracten.
Bronnen:
"Niemand hoeft op straat te slapen. Dakloosheid is de meest extreme vorm van sociale uitsluiting die zorgt voor extreme bestaansonzekerheid. Onnodige bureaucratie die de hulp aan dakloze mensen belemmert, zoals het zelfredzaamheidscriterium, wordt afgeschaft. Dakloze mensen krijgen standaard een urgentieverklaring bij wonen."
"De vraag naar woningen is groter dan het aanbod. Vooral het aantal éénpersoonshuishoudens zal sterk toenemen. Veel mensen kunnen geen betaalbare woning meer vinden. De afgelopen jaren zijn er pleisters geplakt op de wonden die het woonbeleid van de afgelopen decennia heeft achtergelaten. Jongeren kunnen amper aan een betaalbaar dak boven hun hoofd komen en de (ver)bouw zit klem in de stikstofcrisis. Daarom is het noodzakelijk dat het visieloze grondbeleid plaatsmaakt voor volkshuisvesting."
"Dat mensen nu soms vijftien jaar moeten wachten op een sociale huurwoning is onacceptabel. Door meer woonruimte te creëren en doorstroming te bevorderen, verkorten we de wachtlijsten. Jongeren kunnen in hun geboorteplaats blijven wonen en ouderen kunnen wonen dicht bij hun naasten."
"Huisuitzetting en uithuisplaatsing om financiële redenen worden verboden."
"Met een eerlijke verdeling van ruimte zijn we er nog niet. Wonen is geen verdienmodel. Maar dat is het wel geworden door bestuurspartijen. Met de verhuurdersheffing en de liberalisering van de huurmarkt werden woningzoekenden een nieuw verdienmodel en kregen huisjesmelkers en speculanten vrij baan. Dit heeft de woningcrisis veroorzaakt. Dat jongeren steeds meer moeite hebben om hun eerste huis te kopen is geen natuurwet, maar een politieke keuze."