Dakloosheid bij jongeren met tijdelijke huur

De regering moet onderzoeken hoeveel jongeren dakloos dreigen te worden door hun aflopende tijdelijke huurcontracten. Ook moet de regering binnen zes maanden met oplossingen komen. Jongeren kunnen door de krappe woningmarkt namelijk geen nieuwe woning vinden, waardoor zij zonder vangnet op straat belanden.

Motie van het lid Beckerman over een onderzoek naar de omvang van dakloosheid onder jongeren met aflopende flexibele huurcontracten

De kamer, constaterende dat jongeren met een aflopend jongerenhuurcontract door de vastgelopen woningmarkt structureel geen vervangende woonruimte kunnen vinden en daardoor dreigen dakloos te worden; constaterende dat de omvang van dit probleem landelijk niet in beeld is; overwegende dat het onacceptabel is dat een contractvorm die bedoeld was als opstap naar de woningmarkt, jongeren zonder vangnet in de dakloosheid duwt; overwegende dat de regering tegelijkertijd voorstelt het aantal flexibele huurcontracten verder uit te breiden, zonder dat de gevolgen hiervan voor kwetsbare jongeren afdoende zijn onderzocht; verzoekt de regering onderzoek te doen naar de omvang van het probleem van dakloosheid onder jongeren met aflopende flexibele huurcontracten en binnen zes maanden een pakket van oplossingen aan de Kamer te presenteren.
28 mei | SP |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma SGP

Stemverwachting: tegen (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij maakt zich grote zorgen over de problematiek rondom jongeren en de noodzaak om problemen te voorkomen [2]. Daarnaast streeft de partij naar een heldere systematiek voor huurstijgingen waarbij rekening wordt gehouden met de portemonnee van de huurder [1].

Argumenten tegen: De partij merkt op dat recente wetgeving de positie van verhuurders heeft verslechterd en dat het tijd is om het evenwicht te herstellen, zodat de middenhuursector weer kan groeien [3]. De motie vraagt om onderzoek naar de gevolgen van flexibele contracten en het aanbieden van oplossingen, wat de positie van de verhuurder verder kan beperken [3].

Bronnen:

  1. "Met het oog op bijvoorbeeld verduurzaming en andere stijgende lasten is het redelijk dat verhuurders de huur jaarlijks laten stijgen. Daarbij moeten de verhuurders wél rekening houden met de portemonnee van de huurders. Niemand zit echter te wachten op jojobeleid als het gaat om huurstijgingen. Daar moet gewoon een heldere systematiek voor zijn, die goed is voor huurder en verhuurder."
  2. "Elk kind heeft behoefte aan liefde, aandacht en nabijheid, aan gewoon meedoen en erbij horen. Dat gebeurt niet allereerst door inzet van professionele hulp, maar door de inzet van alle betrokkenen uit het netwerk van het kind. Als een kind jeugdhulp nodig heeft, moet dat uiteraard laagdrempelig en snel beschikbaar zijn. Ongeveer 1 op de 7 kinderen maakt echter inmiddels gebruik van jeugdhulp. We maken ons daarover grote zorgen. De SGP vindt het belangrijk dat de overheid bijdraagt aan het normaliseren in plaats van medicaliseren en het problematiseren van gedrag. Ook het voorkomen van problemen krijgt meer aandacht."
  3. "De laatste tijd zijn er diverse wetten aangenomen die de positie van verhuurders verslechteren, met een lager aanbod als gevolg. Het is tijd om het evenwicht weer te herstellen, zodat vooral de middenhuursector weer kan groeien. Dit kan door de rendementen te verhogen door aanpassingen in de belasting op vermogen. Of door verbeteringen in de verhuurregelgeving."