De regering moet onderzoeken hoe het Ministerie van VRO (Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening) meer groen kan combineren met de bouw van woningen. Gemeenten, de bouwsector en organisaties willen namelijk meer groen in de wijk voor de inwoners.
Motie van het lid Kostić over een bijdrage van het ministerie van VRO aan meer groen voor burgers in combinatie met de woningbouwopgave
De kamer,
constaterende dat er eerder aan de Minister van VRO een brede oproep is
gedaan vanuit onder andere gemeenten, maatschappelijke organisaties
en de bouwsector om actief in te zetten op het borgen van meer groen in
combinatie met de woningbouwopgave;
verzoekt de regering om in overleg met verschillende partners te
verkennen op welke manier het Ministerie van VRO kan bijdragen aan
meer groen voor burgers in combinatie met de woningbouwopgave, en
daarover dit jaar aan de Kamer te rapporteren.
Argumenten voor: De partij streeft naar een leefbare en koele buitenruimte waarbij verdichting en vergroening hand in hand moeten gaan om hittestress te verminderen en de biodiversiteit te vergroten [1]. Daarnaast wil de partij dat nieuwbouw natuurinclusief is en rekening houdt met het lokale klimaat, zoals het bieden van voldoende schaduw door bomen en het tegengaan van verstening [3]. Ook wordt aangegeven dat provincies plannen moeten opstellen zodat bouwen en natuur beter samengaan [2].
Argumenten tegen: De partij wil de woningbouw versnellen door complexe regels en procedures te verminderen en bezwaarprocedures korter te maken om vertraging te voorkomen [3898, 3887]. Er is een sterke focus op het sneller realiseren van woningen door bijvoorbeeld landelijke goedkeuring en snellere toetsing van projecten [2].
Bronnen:
"Groen in de stad en het dorp zorgt voor een leefbare en koele buitenruimte. Elke Nederlander moet vanuit huis makkelijk in de natuur kunnen komen, daarvoor is een groen en waterrijk netwerk door het hele land - binnen en buiten stedelijk gebied nodig. Gemeenten houden meer ruimte in hun omgevingsplannen voor groenstroken, bomen, water en parken. Verdichting en vergroening moeten hand in hand gaan om hittestress te verminderen, de biodiversiteit in de stad te vergroten en bij te dragen aan schonere lucht en betere leefbaarheid. Er komen meer bomen en struiken op en rond bedrijventerreinen, luchthavens en langs (snel) wegen."
"Rijk, provincie, gemeente en waterschap samenwerken. Alle provincies moeten meer plancapaciteit gaan programmeren, om het aantal gebouwde woningen te vergroten. Er worden steeds meer woningen in de fabriek gebouwd. Dit moedigen we aan en vereenvoudigen we door een landelijke goedkeuring, zodat niet elk project apart beoordeeld hoeft te worden. We maken het mogelijk om sneller belangrijke infrastructuur aan te leggen, zoals elektriciteitsvoorzieningen of bescherming tegen overstromingen. Hiervoor komt een wet of tijdelijke regeling. Provincies krijgen de taak om snel plannen op te stellen voor bescherming van diersoorten, zodat bouwen en natuur beter samengaan. Bezwaarprocedures worden korter: mensen of groepen zonder direct belang kunnen geen eindeloze vertraging meer veroorzaken. De Raad van State gaat werken met een snelle toets vooraf (zoals in Duitsland), om onnodige rechtszaken eruit te filteren."
"Bouwen in risicovolle gebieden wordt vermeden, bijvoorbeeld bij een kwetsbare bodem, overstromingsgevaar of ongezond leefklimaat. Rijk en gemeenten kijken minimaal 50 jaar vooruit in de keuzes waar wel en niet wordt gebouwd. Er wordt rekening gehouden met zaken zoals lokaal klimaat, voldoende schaduw door bomen, tegengaan van verstening en stedelijke oververhitting. Inpassen van verkoelende maatregelen wordt de standaard werkwijze. We willen dat nieuwbouwwoningen niet alleen energiezuinig zijn, maar ook duurzaam gebouwd worden. Daarom werken we mee aan een nieuwe Europese rekenmethode die kijkt naar de totale impact van een woning: van de CO2 uitstoot van de gebruikte bouwmaterialen tot het energieverbruik en de energieopwekking per uur. Wie kiest voor herbruikbare (circulaire) of biobased materialen, zoals duurzaam hout of hennep, wordt daarvoor beloond. Zo stimuleren we innovatief bouwen: klimaatbestendig, natuurinclusief en kostenefficiënt. We werken samen met de bouwsector en kennisinstellingen om dit verder te ontwikkelen. Zo verlagen we de woonlasten én versterken we de positie van Nederland als koploper in duurzame bouw."