De regering moet onderzoeken hoe het Ministerie van VRO (Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening) meer groen kan combineren met de bouw van woningen. Gemeenten, de bouwsector en organisaties willen namelijk meer groen in de wijk voor de inwoners.
Motie van het lid Kostić over een bijdrage van het ministerie van VRO aan meer groen voor burgers in combinatie met de woningbouwopgave
De kamer,
constaterende dat er eerder aan de Minister van VRO een brede oproep is
gedaan vanuit onder andere gemeenten, maatschappelijke organisaties
en de bouwsector om actief in te zetten op het borgen van meer groen in
combinatie met de woningbouwopgave;
verzoekt de regering om in overleg met verschillende partners te
verkennen op welke manier het Ministerie van VRO kan bijdragen aan
meer groen voor burgers in combinatie met de woningbouwopgave, en
daarover dit jaar aan de Kamer te rapporteren.
Argumenten voor: De partij streeft naar een kwalitatieve benadering van de woningbouw die gericht is op 'duurzamer, mooier en gezonder' in plaats van enkel op kwantiteit [5]. Hierbij worden concrete normen voor groen voorgesteld, zoals minimaal 75m² kwalitatief groen per woning [1] en de eis dat voor elke vierkante meter bebouwing vier vierkante meter nieuw groen in de buurt moet worden aangelegd [2]. Daarnaast moet nieuwbouw natuurinclusief zijn met nestgelegenheid en bomen [4], en wil de partij woningbouw aan de randen van bestaande woonkernen combineren met het creëren van meer ruimte voor de natuur [6][3]. De motie, die vraagt om te verkennen hoe groen en woningbouw gecombineerd kunnen worden, sluit hier direct bij aan.
Argumenten tegen:
Bronnen:
"Elke gemeente moet voldoen aan de norm van minstens 75m² kwalitatief groen per woning, waarbij gelet wordt op een gelijke verdeling van het groen over de verschillende buurten."
"Voor elke vierkante meter die wordt bebouwd worden 4 vierkante meters nieuw groen in de buurt aangelegd."
"Daarnaast gaan we bestaande bebouwing beter benutten om de natuur en de open ruimte te beschermen. Ook wordt er binnenstedelijk natuurinclusief gebouwd, zodat bewoners voldoende groen in de buurt krijgen. Daarnaast zorgen we ervoor dat bebouwing aan de rand van bestaande woonkernen plaatsvindt. Zo scheppen we ruimte voor de natuur en verbeteren we tegelijkertijd het leefklimaat, de woonomgeving en de biodiversiteit."
"Nieuwbouw wordt natuurinclusief met groen, nestgelegenheid voor dieren, bomen en struiken in de straat en speelnatuur om de hoek. Bij isolatie en renovatie van bestaande gebouwen wordt verplicht rekening gehouden met de natuur; wanneer bijvoorbeeld nestgelegenheid voor vogels verdwijnt door dakisolatie, moet dichtbij een alternatief worden geboden."
"De geschiedenis laat zien dat tijdelijke maatregelen - zoals versnelde bouw zonder kwaliteitsborging of integrale visie - woningtekorten niet structureel verhelpen. Een gedegen en goed functionerende volkshuisvesting is essentieel bij het streven naar brede welvaart voor Nederland. De woningnood vraagt niet alleen een kwantitatieve, maar vooral een kwalitatieve benadering. Terecht pleit het College van Rijksbouwmeester en Rijksadviseurs voor 'duurzamer, mooier en gezonder', in plaats van 'sneller, meer, goedkoper.' De gebouwde omgeving is nu verantwoordelijk voor 15% van de landelijke CO2-uitstoot. Het verduurzamen van de woningvoorraad verloopt nu onrechtvaardig en leidt tot energiearmoede. Mensen in sociale huurwoningen worden opgezadeld met hoge energierekeningen doordat woningcorporaties te weinig vaart maken met isoleren. Bovendien kan niet elke huiseigenaar investeren in zonnepanelen en zijn huurders voor een duurzaam en comfortabel huis afhankelijk van de wil en mogelijkheden van hun huisbazen. Het is dus vooral een kwestie van politieke wil om deze ontwikkeling te versnellen."
"Slechts 7% van het Nederlandse grondoppervlak wordt ingenomen door woningen, bijna de helft door de veehouderij. Dat is onhoudbaar. Door boeren te helpen overschakelen naar plantaardige landbouw komt er veel grond vrij die we veel beter kunnen verdelen. Verreweg het grootste deel daarvan zetten we om naar natuur zodat de biodiversiteit kan herstellen. Zo ontstaat ruimte voor woningen aan de rand van bestaande woonkernen, zonder dat dit ten koste gaat van leefbaarheid, landschaps- en cultuurhistorie en de natuur. Op die manier kunnen meer mensen wonen in een groene omgeving en lossen we het woningtekort op. De bebouwde omgeving moet daarnaast slimmer, duurzamer en eerlijker worden benut."