De regering moet meer middenhuurwoningen bouwen in NPLV-gebieden (wijken met veel sociale huur). Een mix van woningen maakt kwetsbare wijken veiliger en sterker. Dit zorgt voor een betere balans in de buurt en helpt mensen om makkelijker door te stromen naar een andere woning.
Motie van het lid Nobel c.s. over bij herstructurering en nieuwbouw nadrukkelijk inzetten op de toevoeging van middenhuurwoningen in NPLV-gebieden
De kamer,
constaterende dat in veel NPLV-gebieden relatief veel sociale huurwoningen zijn;
constaterende dat een meer gemengde woningvoorraad kan bijdragen
aan sterkere wijken en een verbetering van leefbaarheid en veiligheid;
overwegende dat het vergroten van het aandeel middenhuur in
NPLV-gebieden kan bijdragen aan meer doorstroming op de woningmarkt
en een betere sociaaleconomische balans in kwetsbare wijken;
verzoekt de regering om in overleg met gemeenten, marktpartijen en
woningcorporaties nadrukkelijk in te zetten op de toevoeging van
middenhuurwoningen in NPLV-gebieden bij herstructurering en
nieuwbouw.
Argumenten voor: De partij streeft naar gemengde wijken waarin mensen met verschillende inkomens samenleven, om te voorkomen dat wijken worden verdeeld op basis van inkomen [1]. Ze willen de leefbaarheid verbeteren door verouderde wijken te vernieuwen via het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV) [2]. Daarnaast wil de partij het voor woningcorporaties makkelijker maken om te investeren in huurwoningen voor mensen met een modaal inkomen [3]. Dit sluit aan bij hun observatie dat essentiële beroepen, zoals verpleegkundigen, steeds vaker geen woning meer kunnen betalen in de wijken waar ze werken [4], en dat een ongebalanceerde mix van woningen de leefbaarheid in oude volkswijken heeft aangetast [5].
Argumenten tegen: Er zijn in de tekst geen argumenten te vinden die tegen de toevoeging van middenhuur in NPLV-gebieden pleiten.
Bronnen:
"Goed samenleven begint met allemaal je eigen verantwoordelijkheid nemen. Maar ook hoe wijken fysiek worden ingericht, heeft grote invloed op hoe een wijk functioneert. Het is bijvoorbeeld belangrijk dat wijken niet worden verdeeld naar inkomen. Om dat aan te moedigen bouwen we in alle dorpen en steden twee derde betaalbare koop- en huurwoningen, waaronder 30 procent sociale huur. We zorgen voor gemengde wijken, waar mensen met verschillende achtergronden en inkomens samenleven. Gemeenten krijgen de opdracht om dit niet alleen op papier, maar juist op wijkniveau in te vullen. We geven maximaal ruimte aan wooncoöperaties, gemeenschappelijke woonvormen of vormen van collectief particulier opdrachtgeverschap, door regelgeving daarvoor te vereenvoudigen."
"Voor de ChristenUnie is leefbaarheid geen bijzaak, maar een kwestie van goed bestuur. Ieder mens, of je nu in de stad woont of in een krimpregio, verdient een veilige, schone en mooie omgeving om te wonen, werken en op te groeien. Toch staat die leefbaarheid in veel dorpen en wijken onder druk door het verdwijnen van voorzieningen, zoals bushaltes, bibliotheken en winkels. Verschillen in gezondheid, veiligheid en toekomstkansen nemen hierdoor toe. Dat accepteren we niet. Daarom zetten we het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV) voort. We zien dat dit programma effect heeft in wijken als Amsterdam Zuid-Oost, Delft-West en Dordrecht-West. We breiden dit programma uit naar regio's die nu nog buiten de boot vallen, zoals Zeeuws-Vlaanderen, de Veenkoloniën, Twente en zogenaamde New Towns (voormalige groeikernen zoals Zoetermeer). We zetten in op een integrale versterking van de leefbaarheid door verouderde wijken te vernieuwen, sociale samenhang te bevorderen en kansen voor jongeren te vergroten. We bundelen het geld in één krachtig en meerjarig budget, zodat gemeenten gericht en langdurig kunnen investeren. We leren van de ervaringen van de New Towns en passen die toe bij nieuw te bouwen wijken."
"We willen dat wonen weer betaalbaar wordt voor iedereen. Daarom zorgen we dat minstens twee derde van de nieuw te bouwen huizen betaalbaar is, waaronder 30 procent sociale huur. Om dat mogelijk te maken, geven we woningcorporaties meer financiële ruimte. Ze mogen een deel van hun winst opnieuw investeren in nieuwe woningen (de herbestedingsreserve), dat levert elk jaar een miljard euro extra op voor meer betaalbare huizen. Ook mogen corporaties makkelijker investeren in huurwoningen voor mensen met een modaal inkomen, zonder ingewikkelde regels of toetsen. Voor deze woningen kunnen ze bovendien voordelig geld lenen bij het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW). Daarnaast zorgen we voor meer betaalbare koopwoningen. Daarom breiden we het Nationaal Fonds Betaalbare Koopwoningen uit, zodat ook starters eindelijk een kans krijgen op de koopmarkt. We onderzoeken de moeilijkheden van starters op de woningmarkt en nemen daarbij de positie van de leenstelselgeneratie mee."
"Steeds vaker zien we het gebeuren: een stadswijk waar agenten of verpleegkundigen geen woning meer kunnen betalen. Een dorp waar jonge gezinnen zich niet meer kunnen vestigen, waardoor de toekomst van de basisschool en de buurtsuper onzeker wordt. De woningnood is niet langer een individueel probleem, maar raakt de samenleving als geheel. De verschillen op de woningmarkt worden steeds groter. Terwijl sommigen met gemak een huis kunnen kopen, blijven anderen langdurig vastzitten in onbetaalbare huur, in het ouderlijk huis op zolder, of vinden helemaal geen plek om te wonen. Dat heeft veel oorzaken: een tekort aan woningen, te weinig sociale huur, en een markt die vooral kansen biedt aan wie al bezit heeft. Of het nu in dorpen op het platteland, of in de stadswijken is: we hebben veel meer betaalbare woningen nodig. Kortom: er is een stevig, samenhangend en koersvast antwoord nodig om de wooncrisis op te lossen."
"Deze wooncrisis is niet uit de lucht komen vallen. Te veel plannen liepen vast in complexe regels of procedures, en goede bouwgrond bleef braak liggen. Inmiddels komen we meer dan 400.000 woningen tekort en in plaats van meer worden er minder bouwvergunningen afgegeven. Doordat we de laatste decennia een ongebalanceerde mix van goedkopere en duurdere woningen bouwden, namen niet alleen het tekort aan betaalbare woningen toe, maar ook de geografische verschillen. Oude volkswijken verpauperden en de leefbaarheid holde daar achteruit."