Regels voor groene waterstof behouden

Het kabinet moet in Europa zorgen dat de regels voor groene waterstof (RFNBO) hetzelfde blijven. De huidige regels zorgen voor minder CO2-uitstoot en lagere kosten voor Nederlandse huishoudens. Ook worden bedrijven die al hebben geïnvesteerd niet gestraft door nieuwe regels.

Motie van het lid Van Oosterhout over zich in Europa inzetten voor het behoud van de bestaande CO2-reductie-eisen voor hernieuwbare waterstof

De kamer, overwegende dat de Europese Commissie in juni zal voorstellen om de RFNBO-productieregels aan te passen; constaterende dat uurlijkse temporele correlatie bij waterstofproductie bijdraagt aan betere systeemintegratie van hernieuwbare energie, CO2-reductie en kostenbesparing voor Nederlandse huishoudens; constaterende dat koplopers geïnvesteerd hebben aan de hand van de huidige regelgeving en dat aanpassingen dat bestraffen; verzoekt het kabinet zich in Europa in te zetten voor het behoud van bestaande CO2-reductie-eisen voor hernieuwbare waterstof en uurlijkse temporele correlatie als leidend principe.
3 juni | GL-PvdA |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij pleit voor een ambitieus klimaatbeleid [2] en een schone wereldeconomie waarbij Europa een koploper is [1]. In het kader van de Europese industriepolitiek wil de partij dat bedrijven en landen die het duurzaamst en meest efficiënt produceren voorrang krijgen [6]. Daarnaast wil de partij de markt beschermen tegen producten die niet aan onze normen voldoen [1] en de voorkeur geven aan duurzame energie die in Europa wordt geproduceerd boven de import van fossiele brandstoffen [5]. Voor de leveringszekerheid en de industrie wil de partij werken met langjarige verbintenissen die zekerheid bieden aan producenten [4]. Ook het slim gebruiken van het elektriciteitsnet, waarbij het aanbod uit zon en wind beter wordt afgestemd op de lokale energievraag, is een belangrijk doel [3].

Argumenten tegen: Er zijn in de tekst geen argumenten te vinden om tegen het behoud van hoge CO2-reductie-eisen of temporele correlatie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Een duurzaam, krachtig en innovatief Europa. Europa heeft kans om koploper te worden in een schone wereldeconomie. Dat kan met een krachtigere interne markt gecombineerd met slim industriebeleid, dat ons autonomer, productiever en duurzamer maakt. We kiezen voor kwaliteit en beschermen onze markt tegen producten die onder onze normen duiken. We maken financiering van startups eenvoudiger. Daarnaast pleiten we in de EU voor uitbreiding van CBAM, de Europese CO₂-grensheffing. Daarmee wordt de CO₂-uitstoot die gepaard gaat met de productie van geïmporteerde goederen eerlijk beprijsd en lokale alternatieven aantrekkelijker."
  2. "Duurzame en goedkope stroom van eigen bodem. Gebruik van fossiele brandstoffen zorgt voor afhankelijkheid van landen als Rusland, Saoedi-Arabië en Qatar. Met investeringen in schone energie van eigen bodem, zoals zon en wind, maken we ons minder afhankelijk van autoritaire regimes. Ook daarom kiezen we voor ambitieus klimaatbeleid. Elektriciteit uit zon en wind wordt het motorblok van ons toekomstig energiesysteem en we bouwen de gaswinning op land en zee versneld af. We slaan energie op voor wanneer het even niet waait of de zon niet schijnt, bijvoorbeeld met behulp van batterijen. Gascentrales die draaien op groene waterstof zijn de achtervang voor langere periodes zonder wind of zon. We waken ervoor dat het uit de grond halen van zeldzame aardmaterialen die nodig zijn voor de duurzame energietransitie hier, niet ergens anders een negatieve bijdrage hebben op ecosystemen, werkomstandigheden en rechtvaardigheid. Nederland onderschrijft het belang van een non-proliferatie verdrag voor fossiele brandstoffen en spant zich in om een dergelijk internationaal verdrag te verwezenlijken."
  3. "Ruimte op het energienet. Met snellere uitbreiding van het elektriciteitsnet zijn we eerder onafhankelijk van fossiele subsidies. We komen met een Energieversnellingswet, die regelt dat vergunningen voor kritieke energieinfrastructuur, zoals voor verdeelstations en extra stroomkabels, eerder kunnen worden afgegeven. Ook krijgt de aanleg van deze infrastructuur voorrang als er door de beperkte stikstofruimte keuzes gemaakt moeten worden welke activiteiten mogelijk zijn. Daarnaast gaan we slimmer gebruik maken van het elektriciteitsnet. Bijvoorbeeld door bedrijven en huishoudens te stimuleren om buiten de spits stroom te gebruiken, oplossingen als batterijen en elektrolyse te ondersteunen, en de lokale energievraag beter af te stemmen met het lokale aanbod uit zon en wind. Partijen met een maatschappelijk belang krijgen voorrang op het net. We stimuleren coöperatief eigendom en beheer van nieuwe duurzame energiebronnen. De overheid stuurt actief op een eerlijk en duurzaam energiesysteem en onderzoekt waar energie in publieke handen moet komen. Kosten voor huishoudens en bedrijven houden we laag door energienetten langer te gebruiken, de kosten van investeringen in het net niet meteen in rekening te brengen bij afnemers, maar uit te smeren over de tijd, en door nettarieven te differentiëren. Nieuwe woonwijken krijgen een eigen wijk- of buurtbatterij. Die slaat stroom op als de wijk stroom over heeft en levert het terug als zon en wind het laten afweten. Dat is voordeliger en solidairder dan een batterij in elke woning. Het ontlast bovendien het elektriciteitsnet."
  4. "Daarom versnellen we de aanleg van windmolenparken op zee om de industrie te laten elektrificeren. Ook sluit de overheid een Noordzeepact met wind- en waterstofproducenten, industriële afnemers en netbeheerders, met langjarige verbintenissen die zekerheid bieden. De overheid neemt een deel van de financiële risico's op zich maar deelt ook mee in de winst."
  5. "Europa tegen de handelsoorlog. De buiging van de Europese Commissie voor de handelsoorlog van president Trump is onacceptabel. Het beschadigt de geloofwaardigheid van Europa als geopolitieke grootmacht, ondermijnt het multilaterale handelssysteem en kost Nederland en Europa werkgelegenheid. In plaats van duurzame energie geproduceerd in Europa, kiest de Commissie bovendien voor de import van Amerikaanse fossiele brandstoffen. Het kabinet moet aan de slag om de effecten van de handelsoorlog op de Nederlandse werkgelegenheid te bestrijden. We gaan daarom met vakbonden en werkgevers aan de slag om voortgang te boeken voor een onafhankelijker Europa met goede banen en een schone economie."
  6. "Europese industriepolitiek gebaseerd op maatschappelijke behoefte. Een Europese industriepolitiek betekent niet alleen dat Europa minder afhankelijk moet zijn van autoritaire regimes. Het betekent ook dat we de vraag stellen: welke industrieën zijn maatschappelijk écht noodzakelijk en hoe kunnen we deze zo snel mogelijk verduurzamen? Wij willen dat de EU een inventarisatie maakt van welke producten en processen essentieel zijn voor de samenleving zoals de productie van staal voor windmolens, treinen of essentiële chemische stoffen. Deze inventarisatie moet democratisch tot stand komen, met inbreng van vakbonden, milieuorganisaties, wetenschappers en lokale gemeenschappen, in plaats van door industriële lobby's en kapitaaleigenaren. De Europese Unie stuurt de verduurzaming van deze industrie via openbare aanbestedingen op lange termijn. Bedrijven en landen die het duurzaamst en meest efficiënt produceren krijgen voorrang. Grote vervuilers die internationaal niet concurrerend blijken, worden stapsgewijs afgebouwd, met een rechtvaardige transitie en nieuwe kansen voor werknemers. Zo bouwen we aan een Europese industriepolitiek die de klimaatcrisis aanpakt en de belangen van mensen en milieu boven winst stelt."