De regering moet in 2027 meer plaatsen beschikbaar maken voor de beroepsinhoudelijke toets (BI-toets). Buitenlandse artsen moeten nu vaak twee jaar wachten op deze toets om hun BIG-registratie (toestemming om als arts te werken) te krijgen. Dit zorgt voor lange wachttijden in de zorg. Deze artsen kunnen juist helpen om de tekorten aan zorgpersoneel op te lossen.
Motie van het lid Vervuurt over de capaciteit voor het afnemen van de BI-toets bij de opleidingsinstellingen voor het jaar 2027 uitbreiden
De kamer,
constaterende dat Nederland kampt met aanhoudende personeelstekorten
in de zorg en dat deze tekorten bijdragen aan oplopende druk op
zorgverleners en langere wachttijden voor patiënten;
constaterende dat statushouders en andere buitenlandse zorgprofessionals die als arts hun beroep in Nederland willen uitoefenen voor hun
BIG-registratie afhankelijk zijn van de beroepsinhoudelijke toets (BI-toets),
maar momenteel vaak circa twee jaar moeten wachten voordat zij deze
toets kunnen afleggen;
overwegende dat hierdoor tientallen artsen langdurig in de wachtstand
staan, terwijl zij juist kunnen bijdragen aan het verlichten van de
personeelstekorten in de zorg;
overwegende dat er in 2026 eenmalig 26 BI-plaatsen bij komen en er ook
voor 2027 extra BI-plaatsen gewenst zijn;
overwegende dat per 2028 het bekostigen van BI-plaatsen geheel in de
markt zal plaatsvinden, maar het Rijk voor 2027 nog eenmalig middelen
heeft om bij 72 BI-plaatsen voor 50% van de kostprijs bij te dragen;
overwegende dat het gezien de arbeidsmarktkrapte ook voor werkgevers
interessant kan zijn om deze kosten geheel of gedeeltelijk over te nemen
van de zorgverlener die bij hen in dienst is of komt;
verzoekt de regering om de capaciteit voor het afnemen van de BI-toets bij
de opleidingsinstellingen voor het jaar 2027 uit te breiden, eventueel door
de rijksbijdrage per zorgverlener te verlagen, zodat de wachttijden
substantieel worden verkort, en de Kamer voor de begrotingsbehandeling
van VWS te informeren over de uitvoering hiervan.
Argumenten voor: De partij stelt dat er een groot tekort is aan zorgpersoneel [1] en wil inzetten op flexibel opleiden en de inzet van zorgpersoneel [2]. Daarnaast wil de partij dat zorgverleners zo worden opgeleid dat zij snel en op plekken met de grootste schaarste ingezet kunnen worden [1]. Het verkorten van de wachttijden voor de BI-toets sluit hier direct bij aan.
Argumenten tegen: De partij uit felle kritiek op statushouders en niet-westerse allochtonen, die de verzorgingsstaat zouden belasten [3]. Ook wil de partij dat statushouders geen voorrang krijgen op sociale huurwoningen [4]. Dit kan leiden tot weerstand tegen moties die specifiek maatregelen voorstellen die statushouders ten goede komen.
Bronnen:
"Er is een groot tekort aan zorgpersoneel. We schrappen bureaucratie en managementlagen die de zorg duurder en ingewikkelder hebben gemaakt. Met slimme inzet van kunstmatige intelligentie verlagen we de administratiedruk. Zorgverleners krijgen meer zeggenschap over hun eigen werk. Zij weten wat de beste zorg is en hoe ze die moeten organiseren. Dit draagt aan hun werkplezier en behoud van personeel. Wij willen dat zorgverleners worden opgeleid om snel maar vakkundig en op plekken waar de schaarste het grootst is, ingezet te kunnen worden. Daarnaast voeren we een meerwerkbonus voor het verplegend personeel in: parttimers die meer gaan werken, krijgen een bonus. Zo zorgen we ervoor dat meer werken gaat lonen."
"Flexibel opleiden en inzet van zorgpersoneel"
"Ondertussen bezwijkt onze verzorgingsstaat onder niet-westerse allochtonen die profiteren van onze uitkeringen en woningen. Een derde van de statushouders zit na negen jaar nog steeds in de bijstand; meer dan de helft van de bijstandsontvangers in ons land zijn niet-westerse allochtonen."
"Nationaal crisisplan voor voldoende woningen:
1. Nooit meer voorrang op sociale huurwoningen voor statushouders - ook niet met urgentie
2. Forse extra investering in snellere woningbouw: sociale huurwoningen, middenhuurwoningen en betaalbare koopwoningen mét voldoende ruimte voor de auto
3. Buitenstedelijk bouwen: méér nieuwe grootschalige woningbouwlocaties
4. Binnenstedelijk bouwen; transformatie van kantoor- en bedrijfspanden; optoppen, splitsen en woningdelen; niet alleen straatjes erbij, maar ook hele buurten en wijken
5. Kortere en snellere vergunningverlening en procedures; tijdelijk beperken van de mogelijkheden tot bezwaar en beroep tegen woningbouw waar een omgevingsplan vastligt
6. Ingrijpen door de Rijksoverheid bij vastgelopen woningprojecten; provincies en gemeenten die niet voldoende bouwen of meewerken, worden aangepakt
7. Schrappen en vereenvoudigen van bouweisen; geen nieuwe duurzaamheidseisen, geen verplichte warmtepomp, niet verplicht van het gas
8. Taakuitbreiding woningbouwcorporaties voor de bouw van extra middenhuurwoningen
9. Planbatenheffing bij wijziging van de bestemming van grond naar woningbouw
10. Permanente bewoning van recreatiewoningen volledig toestaan; ruimte voor woonwagens"