De regering moet een overgangsregeling maken voor kinder- en jeugdpsychologen. Zo kunnen zij als GZ-psycholoog (psycholoog in de basiszorg) aan de slag. Meer dan 1.000 mensen kunnen nu niet werken door een nieuwe regel van het ministerie van VWS. Dit zorgt voor te lange wachtlijsten. Een regeling kost niets en helpt het tekort aan behandelaren op te lossen.
Motie van het lid Diederik van Dijk c.s. over een passende overgangsregeling voor de groep K&J-psychologen die niet aan de slag kunnen als gz-psycholoog
De kamer,
constaterende dat meer dan 1.000 zorgprofessionals die de opleiding tot
kinder- en jeugdpsycholoog (bijna) hebben afgerond door een plotselinge
koersverandering van het Ministerie van VWS niet aan de slag kunnen als
gz-psycholoog;
constaterende dat er een groot tekort aan BIG-geregistreerde regiebehandelaren bestaat;
overwegende dat een overgangsregeling tot gz-psycholoog voor deze
groep K&J-psychologen geen kosten met zich meebrengt, en bijdraagt
aan betere zorg en kortere wachtlijsten, terwijl het uitblijven daarvan leidt
tot onevenredige en maatschappelijk moeilijk te rechtvaardigen gevolgen
voor werkgevers, cliënten en betrokken professionals;
verzoekt de regering om een passende overgangsregeling tot
gz-psycholoog te treffen voor deze afgebakende groep K&J-psychologen
die recht doet aan de eerder gewekte verwachtingen, de gevolgde
opleiding en de opgebouwde praktijkervaring.
Argumenten voor: De partij stelt dat de wachtlijsten in de GGZ fors zijn en dat er een gebrek aan capaciteit bestaat [1]. Daarnaast wil de partij dat de specialistische jeugdhulp beter beschikbaar komt [3]. De motie, die beoogt de capaciteit te vergroten en de wachtlijsten te verkorten, sluit hier direct bij aan. Bovendien spreekt de partij de ambitie uit om een overheid te zijn die luistert naar mensen die met hart en ziel hun werk doen [2].
Argumenten tegen: Er is in de verstrekte tekst geen informatie beschikbaar om een argumentatie tegen de motie te formuleren.
Bronnen:
"Ongeveer 1 op de 13 Nederlanders maakt jaarlijks gebruik van GGZ. Deze zorg is hard nodig, zeker voor de meest kwetsbare cliënten. Tegelijkertijd zijn de wachtlijsten fors en is er een gebrek aan capaciteit. Dat vraagt een andere benadering van omgaan met GGZvraagstukken om onnodige medicalisering van levensvragen tegen te gaan. Er komen meer praktijkondersteuners GGZ bij de huisarts om verergering van mentale gezondheidsproblemen en inzet van zwaardere gespecialiseerde zorg te voorkomen. Herstelacademies gerund voor en door mensen met een psychische kwetsbaarheid krijgen prioriteit in de financiering. Voor ernstig psychiatrische patiënten komt er een adequaat en landelijk dekkend systeem waarvan de financiering op beschikbaarheid wordt geregeld. Er komt een einde aan de cherry-picking door GGZinstellingen. Zorgaanbieders blijven patiënten ondersteunen in hun zoektocht naar passende zorg, ook als de zorgaanbieder zelf niet de beste zorg kan bieden."
"Daarom staan we op voor ouders en kinderen die vastlopen in systemen die hen juist zouden moeten beschermen. Voor de vrijwilligers, de taalmaatjes, de mantelzorgers, de jeugdleiders en trainers op zaterdag. Voor de leraar, de verpleegkundige en de ondernemer, die elke dag met hart en ziel hun werk doen. Voor iedereen die geeft, zonder daar meteen iets voor terug te vragen. Voor een overheid die luistert, aanspreekbaar en dienstbaar is. Voor een toekomst die eerlijk, leefbaar en rechtvaardig is voor iedereen."
"We organiseren de jeugdhulp beter door slimmere regionale (en waar nodig landelijke) inkoop en minder papierwerk. Daardoor wordt juist de specialistische jeugdhulp beter beschikbaar, zodat jongeren met bijvoorbeeld suïcidale gedachten, trauma of een eetstoornis sneller geholpen worden. Gemeenten krijgen structureel voldoende financiële middelen krijgen voor passende inzet van jeugdhulp. Daarbij wordt heroverwogen of de huisarts en de jeugdbescherming zonder overleg met de gemeente jeugdzorg kunnen inzetten. De ChristenUnie is tegen de invoering van een eigen bijdrage in de jeugdzorg."