De regering moet voor eind 2026 een plan naar de Kamer sturen om procedures voor kernenergie te versnellen. Te lange wachttijden bedreigen de leveringszekerheid van energie en de positie van Nederland. Het plan moet onderscheid maken tussen het verlengen van Borssele, grote centrales en SMR's (kleine kernreactoren), en zorgt voor afstemming met de ANVS (de nucleaire toezichthouder).
Motie van de leden Van den Berg en Flach over een routekaart voor procedureversnelling bij nucleaire projecten
De kamer,
constaterende dat bedrijfsduurverlenging van Borssele, nieuwe kerncentrales en mogelijke SMR’s te maken hebben met lange en complexe
procedures;
constaterende dat de Minister eerder heeft aangegeven stappen in kaart te
brengen voor conventionele SMR’s en versnelling van innovatieve
SMR-ontwikkelingen;
overwegende dat lange doorlooptijden de Nederlandse nucleaire ambitie,
leveringszekerheid en concurrentiepositie kunnen ondermijnen;
overwegende dat versnelling mogelijk moet zijn door betere procesregie,
parallel schakelen van onderzoeken, standaardisatie, vroegtijdig overleg
met bevoegde gezagen en een duidelijk aanspreekpunt, zonder afbreuk te
doen aan nucleaire veiligheid, rechtsbescherming en participatie;
verzoekt de regering om voor het einde van 2026 een routekaart voor
procedureversnelling bij nucleaire projecten aan de Kamer te sturen, met
concrete voorstellen voor parallelle besluitvorming, standaardisatie,
termijnbewaking, een loketfunctie en vroegtijdige afstemming met de
ANVS;
verzoekt de regering daarbij onderscheid te maken tussen bedrijfsduurverlenging van Borssele, grootschalige nieuwbouw, conventionele SMR’s en
innovatieve SMR-projecten.
Argumenten voor: De partij wil via een Energieversnellingswet de vergunningverlening voor kritieke energieinfrastructuur versnellen [2]. Daarnaast is er binnen het programma een algemene wens om procedures te verkorten om maatschappelijke crises effectiever aan te pakken [10988, 10994].
Argumenten tegen: De partij stelt expliciet dat er geen publiek geld naar kerncentrales moet gaan, omdat deze technologie te duur is, moeilijk inpasbaar is en onnodig wordt geacht voor het behalen van de klimaatdoelen [1]. De focus van de partij ligt bij het behalen van klimaatdoelen juist bij schone energie uit wind-op-zee [11056, 11062].
Bronnen:
"Geen publiek geld voor kerncentrales. Kernenergie is een te dure technologie, die moeilijk inpasbaar is, onnodig om de klimaatdoelen te halen, en een afvalprobleem creëert waarmee komende generaties worden opgezadeld. In 2035 zijn al onze elektriciteitsbronnen klimaatneutraal, waarbij wind en zon het motorblok zijn. Aangevuld met batterijen en opslag. De nu voor kerncentrales gereserveerde 14 miljard euro gebruiken we daarom om huishoudens, bedrijven en boeren te helpen met verduurzamingsmaatregelen die wel snel en zeker effect hebben."
"Ruimte op het energienet. Met snellere uitbreiding van het elektriciteitsnet zijn we eerder onafhankelijk van fossiele subsidies. We komen met een Energieversnellingswet, die regelt dat vergunningen voor kritieke energieinfrastructuur, zoals voor verdeelstations en extra stroomkabels, eerder kunnen worden afgegeven. Ook krijgt de aanleg van deze infrastructuur voorrang als er door de beperkte stikstofruimte keuzes gemaakt moeten worden welke activiteiten mogelijk zijn. Daarnaast gaan we slimmer gebruik maken van het elektriciteitsnet. Bijvoorbeeld door bedrijven en huishoudens te stimuleren om buiten de spits stroom te gebruiken, oplossingen als batterijen en elektrolyse te ondersteunen, en de lokale energievraag beter af te stemmen met het lokale aanbod uit zon en wind. Partijen met een maatschappelijk belang krijgen voorrang op het net. We stimuleren coöperatief eigendom en beheer van nieuwe duurzame energiebronnen. De overheid stuurt actief op een eerlijk en duurzaam energiesysteem en onderzoekt waar energie in publieke handen moet komen. Kosten voor huishoudens en bedrijven houden we laag door energienetten langer te gebruiken, de kosten van investeringen in het net niet meteen in rekening te brengen bij afnemers, maar uit te smeren over de tijd, en door nettarieven te differentiëren. Nieuwe woonwijken krijgen een eigen wijk- of buurtbatterij. Die slaat stroom op als de wijk stroom over heeft en levert het terug als zon en wind het laten afweten. Dat is voordeliger en solidairder dan een batterij in elke woning. Het ontlast bovendien het elektriciteitsnet."