Geen EU-regels voor onderwijs en gezin

De regering moet in Europa geen steun geven aan nieuwe EU-regels over onderwijs, gezinsbeleid en familierecht via de Europese lhbtiq+-strategie. Nederland moet namelijk zelf bepalen hoe deze zaken worden geregeld. Onderwijs en gezinsbeleid zijn namelijk nationale zaken waarover een land zelf beslist, niet de Europese Unie.

Motie van het lid Clemminck over geen steun geven aan bindende EU-verplichtingen op het terrein van onderwijs, gezinsbeleid en familierecht die verder gaan dan Europese verdragen toestaan

De kamer, constaterende dat de Europese lhbtiq+-strategie raakt aan onderwerpen als onderwijs, gezinsbeleid, sociale inclusie en nationale actieplannen; overwegende dat gelijke behandeling en veiligheid moeten worden gewaarborgd, maar dat onderwijs, gezin en sociaal-cultureel beleid primair nationale bevoegdheden zijn; overwegende dat Nederland zelf moet bepalen hoe deze onderwerpen binnen de eigen rechtsorde worden vormgegeven; verzoekt de regering in Europees verband geen steun te geven aan bindende EU-verplichtingen, harmonisatie of monitoring op het terrein van onderwijs, gezinsbeleid, familierecht en nationale actieplannen die verder gaan dan de Europese verdragen toestaan.
10 juni | JA21 |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma JA21

Stemverwachting: voor (erg zeker, 95%)

Argumenten voor: De partij staat voor een Europese Unie die trouw blijft aan het subsidiariteitsbeginsel [1]. Daarnaast wordt gesteld dat ministers en staatssecretarissen geen Europese besluiten mogen steunen zonder een mandaat van het parlement [1].

Argumenten tegen: Er is in de verstrekte tekst geen informatie beschikbaar die als argument kan dienen om tegen de motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Naast de reeds ingebouwde controlemechanismen in de rapportages door ministeries moeten de Eerste en Tweede Kamer betere handvatten krijgen om subsidia -riteit te waarborgen binnen Europese verordeningen en richtlijnen. JA21 staat voor een Europese Unie die trouw blijft aan het subsidiariteitsbeginsel. Er moet onderzocht worden hoe de informatievoorziening verbeterd kan worden opdat deze wetgeving ook een grotere rol kan spelen in het publieke debat. Wetgeving die in Nederland impact heeft, moet tijdig besproken worden in de Tweede Kamer, zodat de volksvertegenwoordiging sturing kan geven. Ministers en staatssecretarissen mogen geen Europese besluiten steunen zonder een mandaat van het parlement."