Geen instemming met Omnibus Food and Feed

De regering moet in het Coreper II-overleg (het overleg tussen de ambassadeurs van EU-landen) niet instemmen met het Omnibus Food and Feed-voorstel. Er is meer tijd nodig om de gevolgen voor de volksgezondheid goed te bekijken. De Tweede Kamer kan nu nog geen zorgvuldige keuze maken.

Motie van het lid Kostić over op dit moment niet met de Omnibus Food and Feed instemmen en optrekken met gelijkgestemde landen

De kamer, overwegende dat niet voldaan is aan de randvoorwaarden voor de Kamer om zich uit te kunnen spreken over de Omnibus Food and Feed (motieKostić c.s. en motie-Bromet c.s.); overwegende dat het Cypriotische EU-voorzitterschap een ordentelijk democratisch proces van Nederland doorkruist; overwegende dat omwille van de volksgezondheid voldoende tijd nodig is om voor- en nadelen integraal af te wegen; constaterende dat de Parkinsonalliantie Nederland geen voorstander is van het huidige Omnibus Food and Feed compromisvoorstel; verzoekt de regering om bij het Coreper ll-overleg op dit moment niet met de Omnibus Food and Feed in te stemmen, daarbij met gelijkgezinde landen samen op te trekken en duidelijk te maken dat de Tweede Kamer meer tijd nodig heeft voor een gedegen afweging.
11 juni | PvdD | Verworpen: 12–138 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma JA21

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij stelt dat wetgeving die impact heeft op Nederland tijdig in de Tweede Kamer besproken moet worden, zodat de volksvertegenwoordiging sturing kan geven [1]. Daarnaast vindt de partij dat ministers geen Europese besluiten mogen steunen zonder een mandaat van het parlement [1]. Ook moedigt de partij aan om het vetorecht in de Raad te gebruiken [2].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen de motie te stemmen; er wordt niet gesproken over het belang van snelle Europese besluitvorming zonder parlementaire tussenkomst.

Bronnen:

  1. "Naast de reeds ingebouwde controlemechanismen in de rapportages door ministeries moeten de Eerste en Tweede Kamer betere handvatten krijgen om subsidia -riteit te waarborgen binnen Europese verordeningen en richtlijnen. JA21 staat voor een Europese Unie die trouw blijft aan het subsidiariteitsbeginsel. Er moet onderzocht worden hoe de informatievoorziening verbeterd kan worden opdat deze wetgeving ook een grotere rol kan spelen in het publieke debat. Wetgeving die in Nederland impact heeft, moet tijdig besproken worden in de Tweede Kamer, zodat de volksvertegenwoordiging sturing kan geven. Ministers en staatssecretarissen mogen geen Europese besluiten steunen zonder een mandaat van het parlement."
  2. "Het vetorecht in de Raad blijft daarbij onaangetast en Nederland moet niet schuwen dit instrument in te zetten."