De regering moet een plan maken voor een groennorm in steden. In veel buurten is te weinig groen en te veel beton. Dit zorgt voor steeds meer hittestress, oftewel oververhitting door de zon.
Motie van het lid Beckerman over een groennorm voor stedelijke gebieden om hittestress tegen te gaan
De kamer,
constaterende dat maar liefst 800.000 mensen in sterk versteende buurten
met te weinig openbaar groen wonen;
overwegende dat dit in toenemende mate tot hittestress leidt;
verzoekt de regering een plan uit te werken voor een groennorm voor
stedelijke gebieden om hittestress tegen te gaan.
Argumenten voor: De partij pleit expliciet voor de invoering van een landelijke groennorm [1]. Zij stellen dat veel mensen in woningen met risico op oververhitting wonen [1] en dat hittestress in versteende buurten een reëel probleem is [1]. Om dit aan te pakken, wil de partij een boom per inwoner planten en ervoor zorgen dat elke wijk minimaal 30 procent groenoppervlak krijgt [1]. Daarnaast wordt aangegeven dat mooie en leefbare wijken volop ruimte voor groen moeten bieden [2].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen informatie of argumenten die tegen het invoeren van een groennorm of het bestrijden van hittestress pleiten.
Bronnen:
"Groennorm voor gezonde woonplekken. Meer dan de helft van de Nederlanders woont in een woning met risico op oververhitting. In totaal gaat het om bijna tien miljoen mensen, onder wie twee miljoen ouderen. In een tijd waarin hittegolven vaker voorkomen, is vergroening daarom geen bijzaak, maar een levensvoorwaarde. De stad is gemiddeld 2,3 graden tot soms wel negen graden warmer dan het omliggende platteland. In een warme zomer kunnen mensen in versteende buurten dagenlang last hebben van hittestress. Groen kan dat verschil maken: straten met bomen zijn tot twee graden koeler. In parken is het verschil nog groter: tot wel acht graden in vergelijking met versteende pleinen. Daarom planten we een boom voor iedere inwoner en voeren we een landelijke groennorm in, als onderdeel van een groots 25jarenplan om elke wijk in Nederland groener en leefbaarder te maken. Voortaan rekenen we in vierkante meters groen per inwoner, niet in auto's per woning. Elke wijk krijgt minimaal 30 procent groenoppervlak, elke woning ligt op maximaal driehonderd meter van een groene plek, en drie bomen moeten zichtbaar zijn vanuit elk huis."
"Mooie wijken. Iedereen verdient een fijne en mooie buurt om in te wonen. Te vaak worden betaalbare wijken neergezet zonder oog voor schoonheid, samenhang of leefbaarheid. Wij kiezen voor woonwijken die niet alleen betaalbaar en functioneel zijn, maar ook esthetisch aantrekkelijk. Met goede architectuur, doordachte inrichting en volop ruimte voor groen. Elke nieuwe wijk krijgt een stedenbouwkundige visie met aandacht voor duurzaamheid, kwaliteit en de menselijke maat. Arbeiderswijken verdienen net zo goed goede architectuur als villawijken. Zo bouwen we wijken waar mensen trots op kunnen zijn. Met waardigheid, schoonheid en verbondenheid als fundament."