Betrek boeren bij nieuwe regels voor natuurbeheer

De regering moet boerenorganisaties zoals BoerenNatuur vanaf het begin betrekken bij nieuwe regels voor agrarisch natuur- en landschapsbeheer (ANLb). Natuurbeheer werkt namelijk alleen als de uitvoering praktisch haalbaar is en er draagvlak is bij de boeren. Ook moet de regering de Kamer vooraf informeren over de verdeling van de middelen.

Motie van het lid Grinwis c.s. over bij de verdeling van ANLb-middelen aandacht besteden aan alle doelen en soorten waarvoor het ANLb relevant is

De kamer, constaterende dat Leidraad 2.0 en het advies van de commissie-Osinga richtinggevend zijn voor de inzet van aanvullende middelen voor agrarisch natuur- en landschapsbeheer, ANLb; overwegende dat keuzes over de toekomstige uitbreiding en inzet van ANLb- middelen gevolgen hebben voor het behalen van Europese en nationale natuurdoelen; overwegende dat voor effectief agrarisch natuur- en landschapsbeheer niet alleen ecologische opgaven, maar ook uitvoerbaarheid, draagvlak, beschikbaarheid van instrumentarium en de kennis van collectieven en andere uitvoerende partijen van doorslaggevend belang zijn; verzoekt de regering om bij de voorbereiding van een eventuele Leidraad 3.0 en toekomstige adviezen over de verdeling van ANLb-middelen expliciet aandacht te besteden aan alle doelen en soorten waarvoor het ANLb relevant is, aan de potentiële en verwachte bijdrage aan doelbereik en aan de randvoorwaarden voor effectieve uitvoering en de inhoudelijke betrokkenheid van collectieven en BoerenNatuur vanaf de start van het proces, en de Kamer hierover voorafgaand aan nieuwe besluitvorming te informeren.
16 juni | CU, CDA, D66, JA21, SGP, VVD | Aangenomen: 143–6 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma VVD

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij streeft naar effectief fauna-, natuur- en landschapsbeheer in samenwerking met boeren, jagers en natuurbeheerders [2]. Daarnaast wil de partij beleid maken in samenwerking en op basis van vertrouwen met de betrokken partijen [3]. De partij benadrukt bovendien het belang van het scheppen van noodzakelijke randvoorwaarden voor de sector [1] en vindt dat politieke keuzes door de gekozen Tweede Kamer moeten worden gemaakt, waarbij burgers en betrokkenen eerder bij nieuw beleid betrokken moeten worden om de uitvoerbaarheid te waarborgen [4].

Argumenten tegen:

Bronnen:

  1. "Wet- en regelgeving werkbaar maken: Op het moment dat een structurele emissiereductie wettelijk is geborgd, zorgt de overheid voor de noodzakelijke randvoorwaarden. Zo worden PAS-melders, ondernemers die te goeder trouw hebben gehandeld maar nu zonder vergunning zitten, gelegaliseerd met bijvoorbeeld een juridisch houdbare rekenkundige ondergrens. We willen per sector bekijken of een drempelwaarde mogelijk is - om te beginnen voor de bouw, die slechts tijdelijk een geringe uitstoot veroorzaakt. Er moeten weer vergunningen komen voor agrariërs om aan de slag te gaan met stikstofreducerende innovaties, waarvan het grote potentieel recent is aangetoond door onderzoek van de Wageningen Universiteit. En uiteindelijk moeten we waar mogelijk af van de eenzijdige focus op stikstof door op basis van onafhankelijke en langdurige monitoring de feitelijke staat van de natuur leidend te maken bij vergunningverlening."
  2. "Een sterke natuur zorgt voor balans: We vergroenen onze leefomgeving, zonder er één groot nationaal park van te maken. Natuur en economie kunnen elkaar juist versterken. Daarom geven we ondernemers en bedrijven de ruimte om bij te dragen aan een gezonde leefomgeving en aan een sterke natuur. Ook zorgen we voor effectief fauna-, natuur- en landschapsbeheer, samen met boeren, jagers en natuurbeheerders. Invasieve exoten zoals de Amerikaanse rivierkreeft moeten effectief bestreden worden."
  3. "Als liberalen willen we dat boeren, tuinders en vissers de vrijheid krijgen om te ondernemen. Maar zij zien alsmaar beperkende regels op zich afkomen, terwijl juridische uitspraken en handhavingsverzoeken voor onzekerheid zorgen. De politiek moet daarom duidelijkheid geven over de toekomst, zodat (jonge) boeren weten waar ze aan toe zijn en kunnen investeren in hun bedrijf. Dat kan in samenwerking en in vertrouwen met de betrokken partijen. In het belang van voedselzekerheid op Europees niveau maken we de keuzes die weer ruimte geven voor ondernemerschap."
  4. "De politiek moet werken voor Nederlanders. Keuzes en belangenafwegingen voor Nederland moeten daarom zoveel mogelijk door de gekozen Tweede Kamer worden gemaakt en niet door de rechter. Dat betekent ook dat de Tweede Kamer zichzelf serieus moet nemen, meer tijd moet besteden aan wetgeving en minder aan de ophef van de dag. Een goed werkende democratie betekent meer dan de helft van de zetels plus één. We willen Nederlanders eerder betrekken bij nieuw beleid, zodat we hun zorgen mee kunnen nemen en dat regels voor mensen uitvoerbaar zijn."