Het kabinet moet sturende zones rond natuurgebieden afwijzen. In deze zones is alleen biologische landbouw verplicht. Dit beperkt de keuzevrijheid van boeren en tast hun recht op eigendom aan.
Motie van het lid Chris Jansen over het instrument van sturende zones definitief verwerpen
De kamer,
constaterende dat in het IBO Biodiversiteit wordt gesuggereerd om zones
rondom natuurgebieden aan te leggen waarbinnen alleen nog biologische
landbouw is toegestaan;
overwegende dat dit een onaanvaardbare inbreuk is op het eigendomsrecht en ondernemerschap van boeren;
verzoekt het kabinet om het instrument van sturende zones, waarbij
biologische landbouw wordt afgedwongen, definitief te verwerpen en de
keuzevrijheid van agrarische ondernemers te garanderen.
Argumenten voor: De partij streeft ernaar dat ondernemers de vrijheid krijgen om te ondernemen [2]. In het agrarisch beleid geeft de partij de voorkeur aan 'doelsturing' (sturen op resultaten zoals bodemvruchtbaarheid en waterkwaliteit) boven 'middelvoorschriften', omdat middelvoorschriften het ondernemerschap beperken [1]. Daarnaast willen zij dat boeren de ruimte krijgen om zelf te bepalen hoe zij aan hun reductiedoelstellingen voldoen, bijvoorbeeld door middel van innovatie, management of extensivering [3].
Argumenten tegen: De partij pleit voor een gebiedsgerichte aanpak in de zwaarst getroffen gebieden, waarbij gebruik kan worden gemaakt van het ruimtelijk ordeningsinstrumentarium [4].
Bronnen:
"Ondernemerschap op basis van doelsturing: We willen een agrarische sector die past bij de draagkracht van de omgeving. Vervuiling en emissies willen we waar nodig dus verminderen. Daarvoor zijn middelvoorschriften, zoals verplichte oogstdata, makkelijk voor de overheid, maar die beperken ondernemerschap. We gaan de handen ineenslaan met het bedrijfsleven om over te gaan op afrekenbare doelen en metingen op bedrijfsniveau. Doelen op het gebied van bodemvruchtbaarheid en waterkwaliteit worden het uitgangspunt van ons bemestingsbeleid. Op het moment dat doelsturing aantoonbaar tot resultaat leidt, schaffen we middelvoorschriften af."
"Als liberalen willen we dat boeren, tuinders en vissers de vrijheid krijgen om te ondernemen. Maar zij zien alsmaar beperkende regels op zich afkomen, terwijl juridische uitspraken en handhavingsverzoeken voor onzekerheid zorgen. De politiek moet daarom duidelijkheid geven over de toekomst, zodat (jonge) boeren weten waar ze aan toe zijn en kunnen investeren in hun bedrijf. Dat kan in samenwerking en in vertrouwen met de betrokken partijen. In het belang van voedselzekerheid op Europees niveau maken we de keuzes die weer ruimte geven voor ondernemerschap."
"De boer aan het roer: Op basis van een nationaal stikstofemissieplafond krijgen landbouwbedrijven een reductiedoelstelling met afrekenbare normen per hectare of per dier. Agrarische ondernemers worden dan niet meer afgerekend op modelmatig berekende neerslag, maar kunnen hun emissies monitoren en krijgen de ruimte om te voldoen aan een heldere doelstelling op een manier die past bij hun bedrijf. Bijvoorbeeld met extensivering, managementmaatregelen of stikstofreducerende innovaties."
"Fors verminderen van de stikstofuitstoot: We gaan zorgen voor concrete, generieke stikstofreductie door te sturen op emissies waarbij alle sectoren evenredig bijdragen. Zo komt er weer ruimte voor vergunningverlening. De huidige wetgeving kent reductiedoelen voor de berekende hoeveelheid neerslag op natuurgebieden. We gaan deze KDW-doelen vervangen door sectorgebonden emissieplafonds, inclusief wettelijke tussendoelen, die optellen tot 50% geborgde emissiereductie in 2035. Daarnaast is er een gebiedsgerichte aanpak nodig voor de gebieden waar de problematiek het zwaarst speelt, zoals bij De Peel en De Veluwe, met regionale betrokkenheid noodzakelijke keuzes over aanvullende emissiereductie en extensivering. Rijk, provincies en gemeenten moeten samenwerken om te komen tot een effectieve uitvoering, onder meer met ruimtelijke ordeningsinstrumentarium, ondersteuning van nieuwe verdienmodellen, vrijwillige regelingen en gerichte inzet van middelen voor agrarisch natuurbeheer."