De regering moet zorgen voor een doorlopende lijn tussen de kinderopvang, het voorschoolse onderwijs en de scholen. Nu staan deze sectoren te los van elkaar, wat de ontwikkeling van kinderen remt. De eerste jaren zijn namelijk cruciaal voor de taal, het spel en de sociale vaardigheden van een kind.
Motie van het lid Rooderkerk over toewerken naar een samenwerking tussen kinderopvang, voorschoolse voorzieningen en onderwijs met één doorgaande ontwikkellijn voor kinderen
De kamer,
overwegende dat ieder kind recht heeft op een sterke start in een rijke
pedagogische omgeving die bijdraagt aan brede ontwikkeling;
overwegende dat de eerste levensjaren cruciaal zijn voor de samenhangende ontwikkeling van taal, spel en sociale en emotionele vaardigheden;
overwegende dat uit onder meer het IELS-onderzoek van de OECD blijkt
dat de kwaliteit van de vroege omgeving bepalend is voor latere
ontwikkelkansen;
overwegende dat een integrale benadering van de ontwikkeling van
kinderen van 0 tot 12 jaar vraagt om meer samenhang tussen kinderopvang, voorschoolse voorzieningen en onderwijs;
overwegende dat de huidige institutionele scheidslijnen tussen kinderopvang, voorschool en onderwijs een doorlopende ontwikkellijn kunnen
belemmeren;
verzoekt de regering toe te werken naar een samenwerking tussen
kinderopvang, voorschoolse voorzieningen en onderwijs structureel
binnen één doorgaande ontwikkellijn waarin de brede ontwikkeling van
kinderen centraal wordt gesteld, en waarin taal, spel en sociale en
emotionele ontwikkeling integraal wordt benaderd.
Argumenten voor: De partij wil dat ieder kind een gelijke start krijgt [2] en stelt voor om een gratis publieke voorschoolse voorziening voor alle kinderen in te voeren [2]. Daarnaast wordt de verbinding tussen onderwijs, gemeenten en jeugdzorg versterkt om passende ondersteuning te bieden [1], en is er ruimte voor samenwerking tussen jeugdzorg en gespecialiseerd onderwijs om in te spelen op persoonlijke behoeften [5]. Bovendien wordt de aandacht voor de sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen gestimuleerd [3] en wordt een kindgerichte aanpak met persoonlijke ontwikkeling voorop gesteld [4].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen fragmenten die een integrale aanpak van de ontwikkeling van kinderen of de samenwerking tussen kinderopvang, voorschoolse voorzieningen en onderwijs tegenhouden.
Bronnen:
"De verbinding tussen onderwijs, gemeenten en jeugdzorg wordt versterkt en gefaciliteerd, zodat leerlingen tijdig passende ondersteuning kunnen krijgen."
"Leren is een recht en in de school is dan ook plek voor iedere leerling. Voor de Partij voor de Dieren is passend, toegankelijk en inclusief onderwijs daarom een kernwaarde. Bezuiniging na bezuiniging op het onderwijs door de vorige kabinetten heeft ertoe geleid dat klassen en scholen steeds groter werden en er minder ruimte beschikbaar is voor specifieke begeleiding. Dit leidt tot een gebrek aan aandacht voor individuele leerlingen en leerlingen die ondersteund moeten worden. Iedere leerling heeft recht op onderwijs dat past bij de persoonlijke mogelijkheden en talenten, in een veilige en prettige omgeving. De Partij voor de Dieren wil dat ieder kind een gelijke start krijgt. Er komt één gratis publieke voorschoolse voorziening voor alle kinderen, ook voor kinderen van niet-werkende ouders."
"We stimuleren de aandacht voor sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen en interventies gericht op het welzijn van leerlingen."
"We stimuleren de omslag van de onderwijssystemen waarin alle leerlingen hetzelfde tempo volgen, naar kindgericht onderwijs waarin persoonlijke ontwikkeling en eigen tempo vooropstaan."
"Er komen meer mogelijkheden om te voorzien in persoonlijke zorg- en onderwijsbehoeften door te experimenteren met maatwerk, en met een samenwerking tussen jeugdzorg en gespecialiseerd onderwijs. Dit gebeurt in overleg met leerlingen en ouders."