De regering moet zorgen voor betere trainingen op scholen. Leerlingen zijn slachtoffer van seksuele of criminele uitbuiting. Dit gebeurt vaak in het geheim en is moeilijk te zien. Vertrouwenspersonen op scholen zijn erg belangrijk om deze signalen te herkennen. Scholen moeten ook beter leren hoe ze met meldingen van misbruik om moeten gaan.
Motie van het lid Boomsma over vertrouwenspersonen op scholen beter in staat stellen signalen van misbruik of uitbuiting te herkennen
De kamer,
constaterende dat leerlingen slachtoffer zijn van seksuele of criminele
uitbuiting, maar dat zich vaak in de verborgenheid afspeelt en moeilijk te
herkennen is;
constaterende dat criminele uitbuiting van jongeren de afgelopen jaren
sterk is toegenomen;
overwegende dat het recente onderzoek Van kwaad tot erger van het
Centrum Kinderhandel en Mensenhandel en ook andere rapporten
constateren dat vertrouwenspersonen op scholen een cruciale rol hebben
in het herkennen van signalen van misbruik en/of uitbuiting om zo snel
mogelijk op te kunnen treden;
verzoekt de regering met een voorstel te komen om vertrouwenspersonen
en andere betrokkenen op scholen via trainingen en/of anderszins beter in
staat te stellen om signalen van misbruik of uitbuiting te herkennen, en er
daarbij ook zorg voor te dragen dat scholen ook weten hoe om te gaan
met die signalen en meldingen.
Argumenten voor: De partij wil investeren in expertise en het trainen van professionals om signalen van geweld en seksueel geweld beter te herkennen, zodat slachtoffers op tijd hulp krijgen [1]. Daarnaast ziet de partij preventie als de beste bescherming [3] en vindt zij dat het voorkomen van hardnekkige problemen bij kinderen en jongeren een taak is van de gehele samenleving [5]. Verder pleit de partij voor een integrale aanpak waarbij onderwijs, veiligheid en zorg samenkomen [3][4].
Argumenten tegen: Er zijn geen directe argumenten tegen de motie in het programma. Wel wordt opgemerkt dat leraren momenteel te veel tijd kwijt zijn aan bijzaken die niets met lesgeven te maken hebben [2].
Bronnen:
"We investeren in expertise bij de (zeden)politie en in de zorg, zodat signalen van geweld achter de voordeur en seksueel geweld herkend en serieus worden genomen, daders worden gestopt en slachtoffers op tijd hulp krijgen. Femicide moet worden voorkomen. We zien daarbij een sleutelrol voor mannen: vaders, broers, vrienden en collega's die grenzen stellen, het gesprek aan gaan en niet langer zwijgen bij misstanden. We vergroten het maatschappelijk bewustzijn, trainen professionals en werken met daders om herhaling te voorkomen."
"Maar die belofte wordt nu nog lang niet altijd waargemaakt. Door het lerarentekort vallen te vaak lessen uit. En te veel leerlingen gaan van school zonder goed te kunnen lezen, schrijven en rekenen. Tussen scholen zijn de verschillen groot: sommige scholen blinken jaar na jaar uit, andere blijven structureel achter. Jongeren worden te vroeg vastgezet in keuzes die hun kansen later bepalen. Leraren zijn te veel tijd kwijt aan bijzaken die niets met lesgeven te maken hebben. En scholen missen rust en een visie voor de lange termijn, omdat het beleid steeds verandert."
"Preventie is de beste bescherming. Jongeren moeten kansen zien in plaats van de verleiding van het snelle criminele geld. Daarom investeren we in wijkgerichte aanpakken waarin veiligheid, zorg, werk, onderwijs en wonen samenkomen."
"We werken aan beleid voor jeugd en gezinnen dat domeinen overstijgt, bij alle ministeries en bestuurslagen: van wonen tot onderwijs, van sociale zekerheid tot jeugdcriminaliteit."
"Het voorkomen van hardnekkige problemen bij kinderen en jongeren is een taak van de hele samenleving. Zo zorgen we dat jeugdzorg niet het enige antwoord hoeft te zijn."