Regels in de Wet op het primair onderwijs aanpassen

De regering moet de laatste twee zinnen van artikel 40, lid 11 van de Wet op het primair onderwijs schrappen.

Motie van het lid Van Houwelingen over de laatste twee zinnen van artikel 40, lid 11 van de Wet op het primair onderwijs schrappen

De kamer, verzoekt de regering de laatste twee zinnen van artikel 40, lid 11 van de Wet op het primair onderwijs te schappen.
17 juni | FVD | Verworpen: 46–104 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma VVD

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil de vrijheid van onderwijs moderniseren zodat deze het gelijkheidsbeginsel niet langer ondermijnt [1]. Om uitsluiting te voorkomen, wil de partij een acceptatieplicht invoeren voor leerlingen in het bijzonder onderwijs en identiteitsverklaringen afschaffen [1].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen de motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Artikel 23 moderniseren: We blijven zien dat de vrijheid van onderwijs, zoals vastgelegd in artikel 23 van de Grondwet, botst met het gelijkheidsbeginsel. Daarom passen we artikel 23 aan, zodat de vrijheid van onderwijs niet langer het gelijkheidsbeginsel ondermijnt. De vrijheid van onderwijs mag nooit een vrijbrief vormen voor uitsluiting. Er komt een acceptatieplicht van leerlingen in het bijzonder onderwijs. Identiteitsverklaringen schaffen we af."