Geld voor digitale zeekabels

De regering moet bij Prinsjesdag 2026 geld vrijmaken voor investeringen in zeekabelprojecten. Deze investeringen versterken de digitale autonomie van Nederland. Dat betekent dat Nederland minder afhankelijk is van andere landen voor internet en dataverkeer.

Motie van de leden Kathmann en Dassen over middelen reserveren voor publieke investeringen in zeekabelprojecten

De kamer, constaterende dat op verzoek van de Kamer publieke financieringsopties zijn uitgewerkt om snel te kunnen investeren in zeekabelinfrastructuur, naar aanleiding van de motie-Kathmann c.s. (26 643, nr. 1267) en de Kamerbrief (26 643, nr. 1398); overwegende dat hier vooralsnog geen middelen voor zijn gereserveerd, maar dit wel in lijn is met de kabinetsambities; verzoekt de regering om bij Prinsjesdag 2026 middelen te reserveren voor publieke investeringen in kansrijke zeekabelprojecten die bijdragen aan de digitale autonomie van Nederland.
17 juni | Volt |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma PVV

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij stelt dat kritieke infrastructuur altijd met een meerderheidsaandeel in Nederlandse (publieke) handen moet blijven [1][2]. Het verzoek om publieke investeringen in zeekabelprojecten om de digitale autonomie te waarborgen, sluit aan bij dit standpunt om de controle over kritieke infrastructuur bij de publieke sector te houden [1][2].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten tegen het investeren in digitale infrastructuur of het versterken van de digitale autonomie.

Bronnen:

  1. "Van net zo groot belang zijn onze binnenvaart en havens - maar ook havenbedrijven gaan gebukt onder verregaande klimaatmaatregelen en de onbetaalbare energielasten. We moeten bedrijven koesteren in plaats van wegpesten. Geen gedwongen elektrificatie in de scheepvaart. Havens en andere kritieke infrastructuur moeten altijd met een meerderheidsaandeel in Nederlandse (publieke) handen blijven."
  2. "Havens en andere kritieke infrastructuur altijd met een meerderheidsaandeel in Nederlandse (publieke) handen"