De regering moet bij Prinsjesdag 2026 geld vrijmaken voor investeringen in zeekabelprojecten. Deze investeringen versterken de digitale autonomie van Nederland. Dat betekent dat Nederland minder afhankelijk is van andere landen voor internet en dataverkeer.
Motie van de leden Kathmann en Dassen over middelen reserveren voor publieke investeringen in zeekabelprojecten
De kamer,
constaterende dat op verzoek van de Kamer publieke financieringsopties
zijn uitgewerkt om snel te kunnen investeren in zeekabelinfrastructuur,
naar aanleiding van de motie-Kathmann c.s. (26 643, nr. 1267) en de
Kamerbrief (26 643, nr. 1398);
overwegende dat hier vooralsnog geen middelen voor zijn gereserveerd,
maar dit wel in lijn is met de kabinetsambities;
verzoekt de regering om bij Prinsjesdag 2026 middelen te reserveren voor
publieke investeringen in kansrijke zeekabelprojecten die bijdragen aan de
digitale autonomie van Nederland.
Argumenten voor: De partij streeft naar digitale weerbaarheid [2] en erkent dat naast een programmatische aanpak en innovatie ook geld nodig is voor een dergelijke aanpak [3].
Argumenten tegen: De partij wil geen Europese leningen of gezamenlijke schuldeninstrumenten [1], wat een bezwaar kan vormen als de gevraagde publieke investeringen op deze manier gefinancierd zouden worden.
Bronnen:
"Er komen geen Europese leningen of gezamenlijke schuldeninstrumenten."
"5.11 Digitaal weerbaar"
"Naast geld zijn een programmatische aanpak, samenwerking met het bedrijfsleven, inzicht in technische data en innovatie nodig."