De regering moet samen met de EU een verbod regelen op bestrijdingsmiddelen met PFAS (schadelijke chemische stoffen). De stof TFA komt via deze middelen nu nog steeds in ons water en lichaam terecht. Dit is gevaarlijk voor ongeboren kinderen en de vruchtbaarheid. Door deze bron aan te pakken, blijft ook het drinkwater betaalbaar.
Motie van de leden Kostić en Zalinyan over zich met medestanders in de EU inzetten voor een verbod op pfas-houdende bestrijdingsmiddelen
De kamer,
constaterende dat het kabinet zich inzet voor een pfas-verbod in de EU,
maar dat pfas, specifiek TFA, via het gebruik van bestrijdingsmiddelen,
uitgezonderd is van het verbod en alsnog in grote hoeveelheden in ons
water en daardoor in ons lichaam komt;
constaterende dat uit het CLM-rapport volgt dat TFA-vormende bestrijdingsmiddelen een van de grootste pfas-bronnen naar de leefomgeving
zijn;
constaterende dat recent wetenschappelijk is vastgesteld dat TFA
ongeboren kinderen kan schaden en ervan verdacht wordt de vruchtbaarheid te schaden;
constaterende dat tijdige bronaanpak bijdraagt aan het betaalbaar houden
van water;
verzoekt de regering om zich met medestanders in de EU in te zetten voor
een verbod op pfas-houdende bestrijdingsmiddelen en ondertussen de
Kamer zo snel mogelijk dit jaar in te lichten of er eerder nationale
maatregelen kunnen worden genomen, gezien de nieuwste conclusies
van het ECHA over het gevaar van TFA voor het ongeboren kind.
Argumenten voor: De partij wil in de landbouw werken met minder gif [1]. Daarnaast wil de partij bij bestrijdingsmiddelen specifiek kijken naar de effecten op de gezondheid, waarbij niet alleen naar afzonderlijke middelen wordt gekeken maar ook naar het effect van meerdere middelen samen [3]. Ook de wens voor harde handhaving tegen bedrijven die de regels aan hun laars lappen [2] sluit aan bij een strenger toezicht op schadelijke stoffen.
Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten die tegen het beperken van gif of het beschermen van de gezondheid tegen bestrijdingsmiddelen pleiten.
Bronnen:
"Grondgebonden landbouw met oog voor klimaat en bodem. We schakelen om naar landbouw die werkt mét de natuur. Minder kunstmest, minder gif, minder dieren per hectare. Het bodemleven wordt versterkt door wisselteelt, groenbemesting en het benutten van organische stof. We stimuleren de teelt van eiwitrijke gewassen voor menselijke consumptie. Het veevoer komt van eigen bodem, niet uit het regenwoud."
"Eerlijk toezicht, harde handhaving. Bedrijven die de regels aan hun laars lappen, pakken we hard aan. Bedrijven die eerlijk zaken doen, geven wij ruimte. We investeren in inspectiediensten zoals de ILT. Toezichthouder en handhaver worden weer gerespecteerde beroepen waar bedrijven naar moeten luisteren."
"Eten wordt gezonder. We stellen wettelijke maxima in voor suiker, vet, zout en andere schadelijke toevoegingen in bewerkt voedsel. Daarmee doorbreken we de marktmacht van voedselproducenten die bepalen wat er in ons eten zit. Denk daarbij ook aan ultrabewerkte additieven, kunstmatige zoetstoffen of omstreden Enummers. We kijken bij bestrijdingsmiddelen niet alleen naar het effect op de gezondheid van ieder middel afzonderlijk, maar ook naar het effect van meerdere middelen samen."