De regering moet vastleggen dat afstandsnormen rond geitenhouderijen stoppen zodra effectieve maatregelen tegen emissies (schadelijke stoffen) zijn ingevoerd. Deze regels zijn tijdelijk en mogen niet zomaar permanent worden. Het succes mag niet alleen afhangen van minder longontsteking, maar moet vooral gaan over het uitvoeren van de juiste maatregelen.
Motie van het lid Wiersma over afstandsnormen rond geitenhouderijen heroverwegen zodra is aangetoond dat er effectieve maatregelen geïmplementeerd zijn
De kamer,
constaterende dat de Gezondheidsraad adviseert om afstandsnormen
rondom geitenhouderijen te hanteren zolang onvoldoende duidelijk is
welke emissies verantwoordelijk zijn voor het gevonden verband tussen
geitenhouderijen en longontstekingen en welke maatregelen effectief zijn
om deze emissies te reduceren;
constaterende dat de geitensector werkt aan onderzoek naar emissiereducerende maatregelen en de implementatie daarvan;
overwegende dat tijdelijke maatregelen niet ongemerkt permanent beleid
mogen worden;
verzoekt de regering vooraf vast te leggen dat afstandsnormen rond
geitenhouderijen worden heroverwogen en beëindigd zodra voldoende is
aangetoond welke maatregelen effectief zijn en deze maatregelen
aantoonbaar zijn geïmplementeerd, waarbij het voortbestaan van deze
afstandsnormen niet afhankelijk wordt gemaakt van het op dat moment al
aantoonbaar afnemen van het aantal geregistreerde longontstekingen.
Argumenten voor: De partij wil dat wetgeving die een tijdelijk probleem aanpakt, voorzien is van horizonbepalingen, zodat dergelijke wetten na verloop van tijd vanzelf vervallen [3]. Daarnaast streeft de partij naar een voorspelbaar beleid en langjarige, voorspelbare doelsturing in plaats van middelsturing [4], waarbij de overheid streeft naar het mogelijk maken van gezonde bedrijven [1].
Argumenten tegen: De partij wil weliswaar sturen op stikstofreductie [2][5], maar zij wil ook de voortgang van gestelde doelen voortdurend monitoren en waar nodig bijsturen [2]. Dit zou kunnen betekenen dat zij terughoudend zijn met het vooraf definitief vastleggen van het beëindigen van maatregelen.
Bronnen:
"Het Rijk geeft langjarig commitment om fatsoenlijke bedrijfsvoering en gezonde bedrijven mogelijk te maken. Ook milieugebruiksruimte wordt vastgesteld voor de lange termijn."
"Nederland moet van het stikstofslot. Voor woningbouw en andere bouwprojecten, infrastructurele projecten en landbouw is het van het grootste belang dat de vergunningverlening weer op gang komt. Sinds de PAS-uitspraak van 2019 is er te weinig gedaan om daadwerkelijk tot een oplossing te komen. We onderschrijven het plan van LTO, NAJK en de medeoverheden dat onlangs is gepresenteerd. Dit is een belangrijke eerste stap, die met het Rijk en andere organisaties verder moet worden uitgewerkt. Deze beweging moet leiden tot emissiereductie in alle sectoren op zeer korte en langere termijn, via wettelijk geborgde doelstellingen, zodat er weer vergunningen kunnen worden verleend, zodat biodiversiteit kan verbeteren, PAS-melders en interimmers kunnen worden gelegaliseerd. We monitoren voortdurend de voortgang op de gestelde doelen en sturen waar nodig bij. We doen wat nodig is."
"Bij nieuwe wetgeving gelden voortaan horizonbepalingen, zodat wetten die een tijdelijk probleem adresseren na verloop van tijd vanzelf vervallen."
"In de wet- en regelgeving stappen we over naar langjarige, voorspelbare doelsturing in plaats van middelsturing. De overheid stelt alleen heldere en meetbare normen en investeert in handhaving daarvan."
"We sturen op stikstofreductie voor de landbouwsector, en alle overige sectoren, in 2035 (met een tussendoel in 2030). Dit kan door het instellen van een emissienorm per bedrijf. Hiermee belonen we koplopers en ligt er een grotere opgave bij bedrijven die nog meer moeten doen."