Gelijke eisen voor alle basisscholen

De regering moet onderzoeken hoe alle basisscholen dezelfde eisen krijgen voor het kennisniveau van leerlingen. Nu krijgen sommige scholen een voldoende, terwijl veel leerlingen het niveau niet halen. Dit komt doordat de eisen afhangen van de achtergrond van de leerlingen, wat de kansengelijkheid schaadt. Hoge verwachtingen moeten leidend zijn in de Versterkingsagenda Taal en andere Basisvaardigheden.

Motie van het lid Biekman c.s. over uitgaan van hoge verwachtingen van alle leerlingen, ongeacht hun achtergrond

De kamer, constaterende dat de inspectie voor het streefniveau (1S/2F) in het primair onderwijs een signaleringswaarde hanteert die per school afhangt van de schoolweging en uiteenloopt van 30,3% tot 68,3%, waardoor een school een voldoende kan hebben terwijl minder dan een derde van de leerlingen het streefniveau haalt; overwegende dat de referentieniveaus beschrijven wat elke leerling zou moeten beheersen en geen relatieve maat zijn en dat een norm die gekoppeld is aan de achtergrond van de leerlingenpopulatie lagere verwachtingen institutionaliseert en de kansengelijkheid ondermijnt; verzoekt de regering uit te gaan van hoge verwachtingen van alle leerlingen, ongeacht hun achtergrond, te onderzoeken hoe voor alle scholen dezelfde signaleringswaarde kan gelden en dit uitgangspunt leidend te laten zijn in de Versterkingsagenda Taal en andere Basisvaardigheden.
22 juni | D66 | Aangenomen: 150–0 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma VVD

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij legt een sterke focus op het waarborgen van basisvaardigheden zoals taal en rekenen [1][5] en wil dat het onderwijs voor elk kind excellent is [4]. Daarnaast wil de partij dat de onderwijsinspectie zich meer richt op het handhaven van deze basisvaardigheden [3].

Argumenten tegen: De partij wil de administratieve lasten verlagen en de inspectie opdracht geven om te controleren op onnodige toetsdruk [2]. Het invoeren van een striktere of uniformere signaleringswaarde zou door de partij mogelijk gezien kunnen worden als een toename van de toetsdruk.

Bronnen:

  1. "Excellent onderwijs begint bij een goede basis: We leggen volle focus op basisvaardigheden. We zetten de huidige curriculumherziening voort en reken- en taalvaardigheid wordt onderdeel van elk schoolvak. Het curriculum wordt minder overladen en we maken scherpere keuzes wat leerlingen moeten kennen en kunnen via duidelijkere actuele handvatten voor leraren. We vernieuwen het vakkenpakket periodiek. Zo zorgen we ervoor dat mensen opgeleid worden voor de arbeidsmarkt van vandaag en morgen."
  2. "Vertrouwen in leraren, geen onnodige werkdruk: Scholen laten leraren vaak meer administreren en toetsen dan verplicht of nodig is. Die administratieve lasten brengen we omlaag. De inspectie gaat extra controleren op onnodige administratie en overbodige toetsdruk. We gaan uit van vertrouwen en autonomie."
  3. "Effectieve lesmethoden met toezicht onderwijsinspectie: Bij het beste onderwijs horen excellente en wetenschappelijk onderbouwde lesmethoden en leermiddelen. De onderwijsinspectie focust zich meer op het handhaven van de basisvaardigheden en ziet toe of de gebruikte lesmethoden wetenschappelijk onderbouwd en bewezen effectief zijn."
  4. "Onderwijs is de springplank naar een fijne, vrije toekomst. Op school leer je basisvaardigheden als lezen, digitale kennis en rekenen, maar ook hoe we met elkaar omgaan en fijn samenleven in Nederland. Of je nu een theoretisch talent bent of een praktische kanjer, je krijgt maximaal de ruimte om je talenten te ontdekken en te benutten met onderwijs dat opleidt voor de arbeidsmarkt van de toekomst. Van voorschoolse educatie, de basisschool tot aan het vmbo, de havo of het vwo: wij gaan voor het allerbeste onderwijs. Centraal daarin staat een leraar die het verschil maakt en die excellent onderwijs verzorgt. We respecteren onze leraren en zorgen dat zij kunnen doen waar ze goed in zijn: lesgeven."
  5. "We gaan voor het allerbeste mbo-onderwijs: Basisvaardigheden blijven prioriteit in het mbo. We zetten bevoegde leraren in voor taal-, reken- en burgerschapslessen. We behouden de subsidie om mbo'ers op de werkvloer op te leiden. We stimuleren bedrijven die investeren in eigen, gespecialiseerde opleidingen en gaan dergelijke bedrijfsscholen deels bekostigen. We maken de beroepsbegeleidende leerweg (BBL) aantrekkelijker met betere begeleiding, meer instroommomenten en flexibeler wisselen tussen beroepsopleidende leerweg (BOL) en BBL. Om voortijdig schoolverlaten of groenpluk te voorkomen, verbeteren we de financiële positie van BBL'ers. Ook in de BOL-opleiding wordt meer in de praktijk opgeleid."