Wetgeving toetsen aan VN-verdrag Handicap

De regering moet nieuwe wetten en plannen toetsen aan het VN-verdrag Handicap (een internationale afspraak voor mensen met een beperking). Mensen met een beperking lopen nog steeds dagelijks tegen problemen aan. De regering moet daarom samen met deze mensen onderzoeken hoe zij structureel kunnen helpen bij het controleren van nieuw beleid.

Motie van het lid Vliegenthart c.s. over nieuwe wetgeving en beleidsvoorstellen toetsen aan het VN-verdrag Handicap

De kamer, constaterende dat het VN-verdrag Handicap al sinds 2016 in Nederland van kracht is, maar dat mensen met een beperking nog dagelijks obstakels ervaren op diverse terreinen van het leven; overwegende dat de overheid de verplichting heeft om beleid en wetgeving aan te laten sluiten op de uitgangspunten van het VN-verdrag Handicap; overwegende dat belangenorganisaties van en voor mensen met een beperking een essentiële rol vervullen bij het signaleren van knelpunten, het toetsen van beleid aan de praktijk en het vertegenwoordigen van mensen met een beperking; verzoekt de regering om nieuwe wetgeving en beleidsvoorstellen te toetsen aan het VN-verdrag Handicap en hierover te rapporteren aan de Kamer; verzoekt de regering tevens om de punten uit de nota mee te nemen bij het uitwerken van de werkagenda; verzoekt de regering tevens om in overleg met mensen met een beperking en organisaties te onderzoeken hoe zij structureel beter ondersteund kunnen worden en betrokken kunnen worden bij de toetsing van nieuwe wetten en beleid aan het VN-verdrag, en de Kamer hierover voor het einde van 2026 te informeren.
22 juni | PRO, CDA, CU, D66, SP, VVD | Aangenomen: 133–17 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 95%)

Argumenten voor: De partij wil dat het VN-verdrag Handicap als norm dient voor het bouwen van een inclusieve samenleving [1]. Zij streven ernaar dat alle bepalingen uit het verdrag zo snel mogelijk worden omgezet in nationale wetgeving [1] en dat het verdrag wordt benaderd vanuit een breed mensenrechtenperspectief in plaats van enkel als een zorgthema [1]. De partij geeft expliciet aan dat zij het VN-verdrag inzake Rechten van Personen met een Handicap naleven [2].

Argumenten tegen:

Bronnen:

  1. "VN-verdrag Handicap als norm. We bouwen aan een inclusieve samenleving waarin iedereen mee kan doen. Het VN-verdrag inzake de rechten voor personen met een handicap voeren we daarom volledig uit en we ratificeren het Facultatieve Protocol. Het openbaar vervoer, de publieke en digitale ruimte, bedrijfsruimten en overheidsgebouwen maken we toegankelijk voor ouderen en mensen met een beperking. Bij het verlenen van bouw- en omgevingsvergunningen houden we rekening met toegankelijkheid. Zorglocaties moeten geschikt zijn voor mensen met een meervoudige beperking. Het proces om het facultatief protocol te ratificeren wordt zo snel mogelijk in gang gezet. Hierbij wordt het VN-verdrag niet meer alleen als zorgthema behandeld. Maar wordt het vanuit een breder mensenrechten-perspectief benaderd. We zorgen ervoor dat alle bepalingen uit het VN-verdrag Handicap zo snel mogelijk worden omgezet in nationale wetgeving. Tegelijkertijd zetten we het proces in gang om de interpretatieve verklaringen die Nederland bij de ratificatie van het VN-verdrag heeft afgelegd, in te trekken."
  2. "Toegankelijkheid en inclusie. We leven het VN-verdrag inzake Rechten van Personen met een Handicap na. Zie hoofdstuk 'Democratie, Rechtsstaat en Gelijke Rechten'."