Actie nodig tegen stijgende dakloosheid

De regering moet extra maatregelen, tussendoelen en een tijdpad naar de Kamer sturen. Het aantal dakloze mensen stijgt, vooral onder vrouwen en jongeren. Zonder extra acties wordt het doel uit het Nationaal Actieplan Dakloosheid niet gehaald. Dit plan wil dat er in 2030 niemand meer dakloos is. Ook moeten regio's worden gesteund bij het maken van plannen voor wonen en preventie.

Motie van het lid Westerveld over aanvullende maatregelen om de doelstelling van het Nationaal Actieplan Dakloosheid in 2030 te halen

De kamer, constaterende dat het Nationaal Actieplan Dakloosheid de ambitie heeft dat in 2030 niemand meer dakloos is; constaterende dat het aantal dakloze mensen stijgt en steeds meer vrouwen door geweld achter de voordeur, scheiding, gebrek aan economische zelfredzaamheid en zorg voor kinderen dakloos worden; constaterende dat dakloosheid onder kinderen en jongvolwassenen stijgt door de 18-min/18-plusproblematiek in combinatie met wachtlijsten voor de GGZ en begeleid wonen als ook een gebrek aan passende woonvoorzieningen; constaterende dat het Nationaal Actieplan Dakloosheid stelt dat voor groepen mensen in een kwetsbare situatie moet worden «bezien welke extra acties hierop mogelijk aanvullend nodig zijn»; overwegende dat met spoed extra acties nodig zijn omdat anders de doelstelling in 2030 niet wordt gehaald; verzoekt de regering om voor het commissiedebat in november aanvullende maatregelen, een beschrijving van concrete tussendoelen, waar mogelijk kwantitatief, en een tijdpad tot 2030 naar de Kamer te sturen; verzoekt de regering ook om actief regio’s te ondersteunen, zodat «wonen eerst» en preventie van dakloosheid onderdeel wordt van regionale huisvestingsplannen.
24 juni | onbekend | Aangenomen: 142–8 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma Volt

Stemverwachting: voor (erg zeker, 95%)

Argumenten voor: De partij committeert zich aan de Europese verklaring om dakloosheid tegen 2030 uit te bannen en wil het Nationaal Actieplan Dakloosheid uitvoeren [1]. De partij zet in op het 'housing first'-concept [3] en benadrukt de noodzaak van nationale regie op de volkshuisvesting om toekomstige problemen te voorkomen [6]. Ook wil de partij dat gemeenten bijdragen aan de huisvesting van bijzondere aandachtsgroepen [4] en pleit zij voor extra aandacht en huisvesting voor kwetsbare groepen, zoals jongeren en slachtoffers van huiselijk geweld [2][5].

Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het programma gevonden die een argument vormen om tegen de motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Volt houdt zich aan de Europese verklaring van Lissabon om dakloosheid per 2030 uit te bannen. Om dit te realiseren gaan we het Nationale Actieplan Dakloosheid 'eerst een thuis' uitvoeren. We gaan landelijk aan de slag met een ETHOS-telling om inzicht te krijgen in het dakloosheidsprobleem. Ook gaan we concrete stappen zetten om dak- en thuisloze mensen te helpen met eerst een (t)huis, want dakloosheid is een woonprobleem."
  2. "Volt wil dat meer groepen mensen een urgentieverklaring kunnen krijgen; jongeren die in de residentiële jeugdzorg of een pleeggezin verblijven, mensen die in een maatschappelijke opvang of zorgvoorziening verblijven en mensen die het slachtoffer van huiselijk geweld zijn en onder code oranje vallen. Mensen verdienen een veilige plek en moeten niet onnodig lang in een dure zorgvoorziening verblijven."
  3. "Volt helpt mensen die dak- of thuisloos worden door extra te investeren in tijdelijke huisvesting, waar mensen kunnen verblijven tot definitieve huisvesting mogelijk is. Dit kan al dan niet met begeleiding. Het gaat om eenvoudige (groeps-)woningen, zoals duurzame herplaatsbare circulaire prefabwoningen. Deze woningen zijn ook bedoeld voor dak- en thuisloze mensen met een verslavingsachtergrond of psychische bagage. We bieden hen onderdak met een adres dat hen toegang geeft tot reguliere voorzieningen. We bieden ook begeleiding aan, conform het inmiddels bewezen 'housing first'-concept, om hun situatie te verbeteren."
  4. "Volt vindt dat alle gemeenten, en de verschillende wijken hierin, eerlijk moeten bijdragen aan de huisvesting van bijzondere aandachtsgroepen en urgent woningzoekenden. Ook statushouders zonder woning moeten een urgentieverklaring krijgen, zodat zij na lang wachten eindelijk daadwerkelijk een start kunnen maken met het opbouwen van een nieuw leven in Nederland. Op deze wijze worden de asielzoekerscentra tevens ontlast."
  5. "We zorgen op korte termijn voor meer (tijdelijke) woningen. Ook moet het delen van een woning financieel aantrekkelijker gemaakt worden, onder andere door de kostendelersnorm af te schaffen. Een gebrek aan betaalbare woningen mag nooit een reden zijn om in een onveilige situatie te blijven. Senioren moeten naar een veilige aanleunwoning kunnen, aan huiselijk geweld moet je kunnen ontsnappen en jongeren moeten op kamers kunnen wonen."
  6. "Het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening krijgt een structureel budget waarmee het doel van 1 miljoen woningen bouwen ook echt gehaald kan worden. Daarnaast is nationale regie op de volkshuisvesting en ruimtelijke ordening nodig om nieuwe problemen in de toekomst te voorkomen. Het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening stelt langetermijnbeleid op voor een stabiele en proactieve sturing op een toekomstbestendig en blijvend passend woningbestand in Nederland."