Huisvesting voor dakloze moeders en kinderen

De regering moet samen met gemeenten snel zorgen voor huisvesting voor dakloze moeders en hun kinderen. Tientallen gezinnen leven nu op straat. Hierdoor riskeren kinderen dat ze door Veilig Thuis (een instantie die ingrijpt bij onveilige situaties) uit huis worden geplaatst of onder toezicht komen te staan.

Motie van het lid Diederik van Dijk over met spoed maatregelen treffen om dak- en thuisloze moeders en hun kinderen van onderdak te voorzien

De kamer, constaterende dat tientallen dak- en thuisloze moeders met hun kinderen op straat leven; constaterende dat deze kinderen via een Veilig Thuismelding te maken kunnen krijgen met ondertoezichtstelling en scheiding van hun moeder; overwegende dat een duurzame oplossing voor deze gezinnen lang op zich laat wachten; verzoekt de regering om in samenspraak met gemeenten met spoed maatregelen te treffen, zodat deze moeders en kinderen onderdak krijgen, en te voorkomen dat deze kinderen onder toezicht gesteld worden.
24 juni | SGP | Aangenomen: 84–66 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 95%)

Argumenten voor: De partij wil dakloosheid in 2030 beëindigen [1] en stelt dat iedereen in Nederland recht heeft op onderdak [3]. Daarnaast stelt de partij dat kinderen zoveel mogelijk thuis moeten opgroeien en dat uithuisplaatsingen slechts in het uiterste geval mogen plaatsvinden [2]. De partij wil bovendien de lessen uit het toeslagenschandaal gebruiken om de situatie van ouders en de onterechte uithuisplaatsing van kinderen te verbeteren [5] en benadrukt de bescherming van kwetsbare groepen in de opvang [4].

Argumenten tegen: Er zijn in het gepresenteerde programma geen fragmenten te vinden die argumenten bieden om tegen de motie te stemmen; de standpunten over huisvesting en de bescherming van het gezinsleven zijn juist gericht op het voorkomen van de geschetste problematiek.

Bronnen:

  1. "Niemand slaapt op straat. Het aantal mensen dat noodgedwongen op straat, bij vrienden op de bank, of in een caravan of tentje slaapt, is de afgelopen jaren fors gestegen. Dakloosheid is primair een woonprobleem, veroorzaakt door een tekort aan betaalbare woningen en onzekere woonconstructies. We houden vast aan de afspraak om dakloosheid in 2030 te beëindigen. Om dit doel te verwezenlijken zorgen corporaties ervoor dat in elk nieuw project minstens 40% sociaal wordt gebouwd, zodat er ook voldoende aanbod beschikbaar is voor 'Wonen Eerst' beleid. Ook starten we met pilots zodat gemeenten een grotere rol krijgen in sociale huisvesting. Mensen die op zoek zijn naar een woning noemen we 'urgent woningzoekenden', om de stigmatisering die de huidige term 'daklozen' met zich meebrengt tegen te gaan. We zorgen ervoor dat mensen allereerst een betaalbaar dak boven het hoofd krijgen (Wonen Eerst) - met waar nodig extra begeleiding zodat mensen weer zelfstandig kunnen wonen."
  2. "Kinderen groeien zoveel mogelijk thuis op. Uithuisplaatsingen mogen alleen in het uiterste geval. Naar aanleiding van de lessen die te trekken zijn uit het onderzoek 'erfenis van onrecht' over de uithuisplaatsingen bij de toeslagenaffaire gaat een staatscommissie aanbevelingen doen voor een jeugdbeschermingsstelsel. De aanbevelingen uit het rapport worden uitgevoerd. We geven de uithuisgeplaatste jongeren met prioriteit een zelfstandige erkenning voor het aangedane leed. We verbeteren ondersteuning voor pleegouders."
  3. "Eerste levensbehoeften en uitgeprocedeerden. Iedereen die in Nederland verblijft, heeft recht op eerste levensbehoeften als zorg (inclusief mondzorg), onderdak, voedsel en rechtsbijstand. Vreemdelingendetentie mag alleen als uiterste maatregel, onder strikte voorwaarden en in lijn met Europese regelgeving. Zoveel mogelijk wordt ingezet op alternatieven voor bewaring, zoals het opleggen van een meldplicht. Gezinnen en kinderen komen nooit in detentie, hiervoor komen open, gezinsvriendelijke locaties. Soms is terugkeer niet mogelijk, bijvoorbeeld wanneer het land van herkomst niet meewerkt. We voorkomen zo veel mogelijk dat deze mensen zonder papieren en perspectief op straat moeten leven. Dat doen we bijvoorbeeld door ruimere hantering van het buitenschuldcriterium of het koppelen van verblijfsrecht aan staatloosheid of begeleiding bij terugkeer als dit later toch nog mogelijk blijkt. We zetten alles op alles om zogenaamde illegaliteit niet strafbaar te stellen. Geen mens is illegaal."
  4. "Efficiënte procedures en eerlijke opvang. We voeren de Spreidingswet uit en kiezen zo veel mogelijk voor kleinschalige en volwaardige opvang met een open uitstraling, waar anderen, zoals buurtbewoners de mogelijkheid krijgen om naar toe te kunnen om onder andere deel te nemen aan allerlei activiteiten. Ook Nederlanders, zoals studenten en spoedzoekers, krijgen de mogelijkheid om daar te kunnen wonen en te verblijven. We maken financieringsafspraken voor de lange termijn en vragen gemeenten een ijzeren voorraad aan opvangplekken te houden. Dat is duidelijker en goedkoper voor iedereen. De IND wordt langjarig versterkt. De minister moet gebruik maken van diens discretionaire bevoegdheid in schrijnende gevallen. We onderzoeken of betere inzet van de discretionaire bevoegdheid mogelijk is, bijvoorbeeld door een commissie van experts. We investeren in de communicatie met buurtbewoners en nemen hun zorgen serieus. We waarderen vrijwilligers die een onmisbaar steentje bijdragen aan de integratie van vluchtelingen in onze samenleving. Alle opvanglocaties moeten voldoen aan humane minimumvoorwaarden, waardoor mensen de ruimte hebben om te leven, en waarbij het recht op privacy en de toegang tot publieke voorzieningen wordt gewaarborgd. In opvanglocaties wordt extra bescherming gegarandeerd voor kwetsbare groepen zoals vrouwen, LHBTQIA+-personen, alleenstaande minderjarigen en mensen met een handicap. Indien nodig komen er aparte opvanglocaties om hun veiligheid te waarborgen. We staan voor een inclusieve samenleving waarin ieder kind zich veilig kan ontwikkelen. We willen onder voorwaarden een regeling maken om de kleine groep van mensen die al langdurig als ongedocumenteerde in Nederland verblijven en kinderen die zonder documenten in Nederland zijn opgegroeid, duurzaam perspectief te bieden in lijn met art. 3. 'Internationaal Verdrag van de Rechten van het Kind (IVRK)'."
  5. "Herstel toeslagenschandaal. Het herstel is nog steeds niet afgerond. Dat betekent dat veel gedupeerde ouders en hun soms al volwassen kinderen nog steeds in procedures zitten over geld en over onterechte uithuisplaatsingen van kinderen. Dat moet sneller en ruimhartiger, met heldere kaders en vertrouwen. We leggen meer regie bij ouders, en maken snellere en simpelere afhandeling mogelijk. Dat betekent dat we in die gevallen niet langer de geleden schade tot achter de komma uitrekenen, maar slachtoffers een bedrag geven waarmee ze verder kunnen in hun leven. Voor ouders die te maken hebben gehad met een uithuisplaatsing van een kind zoeken we samen met hen naar herstelmogelijkheden."