De regering moet onderzoeken waarom vrouwelijke genitale verminking (VGV) bijna nooit wordt gemeld. Hoewel dit verboden is, zijn er na tien jaar geen veroordelingen. Artsen zien de gevolgen wel, maar er zijn bijna geen meldingen bij Veilig Thuis. De regering moet met plannen komen om zorgverleners te helpen dit geweld sneller te herkennen en te melden.
Motie van het lid Armut c.s. over concrete voorstellen om handelingsverlegenheid rond vrouwelijke genitale verminking weg te nemen
De kamer,
constaterende dat alle vormen van vrouwelijke genitale verminking (VGV)
sinds 2014 strafbaar zijn als vorm van (zware) mishandeling, maar dat dit
na ruim tien jaar nog nooit heeft geleid tot een veroordeling;
constaterende dat in Nederland naar schatting tienduizenden vrouwen en
meisjes met de gevolgen van genitale verminking leven en duizenden
meisjes risico lopen;
constaterende dat het handelingsprotocol VGV bij minderjarigen Veilig
Thuis, politie en OM nadrukkelijk een rol geeft bij signalen van dreigende
of uitgevoerde VGV;
overwegende dat het aantal meldingen van VGV bij Veilig Thuis nagenoeg
nul is, terwijl vrouwen en meisjes met VGV wel in beeld komen bij onder
meer gynaecologen en verloskundigen;
verzoekt de regering om samen met Veilig Thuis en betrokken onderwijsen zorgprofessionals te onderzoeken waarom signalen van VGV nauwelijks tot meldingen en strafrechtelijke opvolging leiden, en met concrete
voorstellen te komen om handelingsverlegenheid bij professionals weg te
nemen, deskundigheid en handelingsperspectief te versterken en signalen
te bundelen ten behoeve van bescherming, opsporing en vervolging;
verzoekt de regering hierbij ook het voornemen van een wettelijke
adviesplicht voor onderwijs- en zorgprofessionals bij signalen van
huiselijk geweld zo snel mogelijk naar de Kamer te sturen.
Argumenten voor: De partij wil dat misdrijven consistenter worden vervolgd door het opportuniteitsbeginsel te vervangen door het legaliteitsbeginsel, waardoor het Openbaar Ministerie minder ruimte heeft om zelf te bepalen of vervolging 'opportuun' is [2][3]. Bovendien zet de partij zich in voor een harde aanpak van kindermisbruik [1]. De motie, die specifiek vraagt om de opsporing en vervolging van VGV te verbeteren, sluit hierbij aan.
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen de motie te stemmen, aangezien er geen standpunten zijn die de opsporing van misdrijven of de bescherming tegen geweld bij minderjarigen tegenwerken.
Bronnen:
"Strijd tegen kindermisbruik
We pakken hosting van kindermisbruik op Nederlandse servers keihard aan, zodat Nederland geen spil meer is in internationale netwerken. Minimumstraffen voor kinderverkrachters."
"Een veilige, vrije samenleving begint bij een rechtstaat die consequent optreedt tegen misdaad. In Nederland gebeurt dat te weinig: slechts één op de vijf misdrijven wordt opgelost. Dit is het gevolg van het Opportuniteitsbeginsel, zoals vastgelegd in artikel 167 Wetboek van Strafvordering, waarbij het Openbaar Ministerie zelf mag bepalen of het vervolging 'opportuun' acht. Forum voor Democratie wil dit aanpassen en overstappen naar het Legaliteitsbeginsel, zoals in Duitsland. Daar moet de politie alle misdrijven in beginsel in behandeling nemen en gaat het OM over tot vervolging, tenzij er zwaarwegende redenen zijn om dat niet te doen. Het verschil is duidelijk: in Duitsland ligt het opsporingspercentage op 50%."
"Legaliteitsbeginsel invoeren
We vervangen het opportuniteitsbeginsel door het legaliteitsbeginsel, zodat elk misdrijf in beginsel in behandeling wordt genomen en vervolgd."