De regering moet garanderen dat er tot en met 2050 geen nieuwe claims komen voor extra ruimte of milieu in de gemeente Moerdijk. Dit is nodig voor de zekerheid van de inwoners. Er mag namelijk niet in de toekomst alsnog meer ruimte worden gevraagd voor industrie, havens of energie. Deze afspraak moet worden vastgelegd tijdens het Bestuurlijk Overleg in juni 2026.
Motie van het lid Grinwis c.s. over vanuit het Rijk tot en met 2050 geen nieuwe ruimteclaims laten ontstaan in de gemeente Moerdijk
De kamer,
constaterende dat in het BO Leefomgeving van 11 juni 2025 een indicatief
ruimtebeslag van 700 hectare is vastgesteld, waarvan 450 hectare zou
landen rond het haven- en industriecluster van Moerdijk, waarna de
gemeente Moerdijk tot verstrekkende besluitvorming is overgegaan;
constaterende dat er met de kabinetsbrief van 29 mei jongstleden een
alternatief scenario op tafel ligt met een potentieel veel kleiner ruimtebeslag in Moerdijk, van 240 hectare, waarmee het dorp Moerdijk
behouden zou kunnen blijven;
overwegende dat deze gang van zaken tot veel onrust en onzekerheid in
Moerdijk heeft geleid en daarmee vrees voor de spreekwoordelijke neus
van de kameel;
overwegende dat dit nieuwe scenario niet mag leiden tot een proces van
geleidelijke uitbreiding en toekomstige ruimteclaims vanuit Rijk en
provincie in de gemeente Moerdijk, waarmee er nu tijdelijke valse rust
wordt verkondigd, maar geen duurzame duidelijkheid en zekerheid wordt
geboden aan de gemeente Moerdijk en haar inwoners;
verzoekt de regering, na zorgvuldige en voortvarende afweging van de
scenario’s, bij de besluitvorming te borgen dat er ten minste tot en met
2050 vanuit het Rijk geen nieuwe ruimte- of milieuruimteclaims ontstaan
voor havenontwikkeling, industrie, energie- infrastructuur of aanverwante
rijksopgaven in de gemeente Moerdijk;
verzoekt de regering dit uitgangspunt tijdens het Bestuurlijk Overleg van
29 juni 2026 vast te leggen in de vervolgafspraken.
Argumenten voor: De partij wil de verdozing van het landschap tegengaan en spreekt zich uit tegen de bouw van grote kantoorpanden, distributiecentra en nieuwe bedrijfshallen [1]. Daarnaast stelt de partij dat bestaande bebouwing beter benut moet worden om de natuur en de open ruimte te beschermen [6][4].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma richt zich voornamelijk op het vrijmaken van landbouwgrond door de veehouderij aanzienlijk te verkleinen, zodat er ruimte ontstaat voor natuur en woningen [2][3][4][5]. Er wordt in de fragmenten geen directe uitspraak gedaan over havenontwikkeling of specifieke industriële claims in Moerdijk.
Bronnen:
"We gaan de verdozing van ons landschap tegen. Er komt een stop op de bouw van distributiecentra, megadatacentra en grote kantoorpanden. Er komen ook geen nieuwe bedrijfshallen zolang er nog leegstaande bedrijfshallen in de regio zijn."
"Ieder mens heeft recht op een dak boven het hoofd. Het is niet voor niets een grondrecht. Maar voor veel mensen in Nederland is dat moeilijk of zelfs onmogelijk. Door rampzalige politieke keuzes zijn er te weinig huizen, zijn woningcorporaties uitgekleed en hebben private investeerders ruim baan. Dat is nergens voor nodig. Er is ruimte genoeg, alleen wordt de helft van Nederland bezet door de veehouderij. Door de schadelijke stikstofverbindingen die deze sector uitstoot, kan er amper nog gebouwd worden. Als we veehouders helpen overstappen naar plantaardige landbouw, winnen we op alle fronten. Minder dierenleed, meer gezonde natuur en meer ruimte voor nieuwe, duurzame woningen."
"Wij vinden: liever een dak boven je hoofd dan een biefstuk op je bord. Er is in Nederland voldoende ruimte om te zorgen voor comfortabele en betaalbare woningen in een prettige, groene leefomgeving. Door een krimp van het aantal dieren in de veehouderij komt er landbouwgrond vrij voor natuur en woningbouw."
"Slechts 7% van het Nederlandse grondoppervlak wordt ingenomen door woningen, bijna de helft door de veehouderij. Dat is onhoudbaar. Door boeren te helpen overschakelen naar plantaardige landbouw komt er veel grond vrij die we veel beter kunnen verdelen. Verreweg het grootste deel daarvan zetten we om naar natuur zodat de biodiversiteit kan herstellen. Zo ontstaat ruimte voor woningen aan de rand van bestaande woonkernen, zonder dat dit ten koste gaat van leefbaarheid, landschaps- en cultuurhistorie en de natuur. Op die manier kunnen meer mensen wonen in een groene omgeving en lossen we het woningtekort op. De bebouwde omgeving moet daarnaast slimmer, duurzamer en eerlijker worden benut."
"We maken ruimte voor woningen. Door te kiezen voor een krimp met 75% van het aantal dieren dat wordt gefokt en gedood in de veehouderij wordt de stikstofcrisis opgelost, komt er veel landbouwgrond en agrarische bebouwing vrij. Naast herstel van de natuur ontstaat zo ruimte voor woningen."
"Daarnaast gaan we bestaande bebouwing beter benutten om de natuur en de open ruimte te beschermen. Ook wordt er binnenstedelijk natuurinclusief gebouwd, zodat bewoners voldoende groen in de buurt krijgen. Daarnaast zorgen we ervoor dat bebouwing aan de rand van bestaande woonkernen plaatsvindt. Zo scheppen we ruimte voor de natuur en verbeteren we tegelijkertijd het leefklimaat, de woonomgeving en de biodiversiteit."