Luchtaanval bij Hawija en burgerslachtoffers

De regering moet benadrukken dat Nederlandse militairen rechtmatig handelden bij de luchtaanval bij Hawija. De terroristische organisatie Islamitische Staat (IS) plaatste een bommenfabriek bewust tussen de burgers. De verantwoordelijkheid voor burgerslachtoffers ligt daarom bij IS.

Motie van het lid Boon over benadrukken dat Nederlandse militairen bij de luchtaanval rechtmatig hebben gehandeld in de strijd tegen Islamitische Staat

De kamer, constaterende dat de luchtaanval bij Hawija was gericht op een bommenfabriek van de terroristische organisatie Islamitische Staat; overwegende dat de luchtaanval rechtmatig was en Islamitische Staat bewust een bommenfabriek midden tussen de burgerbevolking had gevestigd; verzoekt de regering in haar communicatie over de luchtaanval bij Hawija consequent te benadrukken dat Nederlandse militairen rechtmatig hebben gehandeld in de strijd tegen de terroristische organisatie Islamitische Staat en dat de primaire verantwoordelijkheid voor de burgerslachtoffers ligt bij Islamitische Staat.
25 juni | PVV | Aangenomen: 94–56 |

Stemuitslag

Behandeld op

  • 25 juni: Debat over het addendum op het rapport van de Commissie onderzoek wapeninzet Hawija
  • 30 juni: Stemmingen