Betere hulp voor slachtoffers in Hawija

De regering moet samen met slachtoffers, nabestaanden en lokale organisaties in Hawija uitzoeken hoe extra hulpprojecten moeten worden uitgevoerd. De eerdere hulp en wederopbouw sloot namelijk niet goed genoeg aan bij wat de getroffenen echt nodig hebben. Zo komt de steun terecht bij de mensen die door het bombardement zijn geraakt.

Motie van de leden Belhirch en Peter de Groot over de aanvullende projecten zo veel mogelijk ten goede laten komen aan degenen die door het bombardement zijn getroffen

De kamer, constaterende dat de Kamer eerder heeft uitgesproken dat de behoeften van slachtoffers en nabestaanden leidend dienen te zijn bij herstel en compensatie; overwegende dat signalen van directe slachtoffers, nabestaanden en lokale organisaties erop wijzen dat eerdere vormen van ondersteuning en wederopbouw onvoldoende hebben aangesloten bij de behoeften; verzoekt de regering in overleg met slachtoffers en nabestaanden, hun vertegenwoordigers, lokale ngo’s, vertegenwoordigers van de gemeenschap in Hawija en betrokken deskundigen in kaart te brengen hoe uitvoering gegeven kan worden aan de aanvullende projecten, zodat deze zo veel mogelijk ten goede komen aan degenen die door het bombardement zijn getroffen, en de Kamer hierover uiterlijk in het eerste kwartaal van 2027 te informeren, inclusief over de wijze waarop genoemde partijen zijn betrokken.
25 juni | D66, VVD | Aangenomen: 117–33 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CDA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij vindt dat slachtoffers, waaronder ouders en kinderen, gehoord en gezien moeten worden om een passende hersteloplossing te vinden [3]. Daarnaast moet de overheid haar belofte nakomen om schade te herstellen [2] en wordt het proces van herstel gezien als een lakmoesproef voor een fatsoenlijke overheid [4]. Ook is het essentieel dat er jaarlijks verantwoording wordt afgelegd over de voortgang van het schadeherstel [1].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen de motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Het is van belang dat jaarlijks bestuurlijk verantwoording wordt afgelegd over de voortgang van het schadeherstel."
  2. "Het Rijk moet doen wat het heeft beloofd: schade herstellen zonder gedoe. Uitvoerders in de regio moeten daarom de opdracht én de ruimte krijgen om problemen op te lossen, binnen de ruimte die de regelingen bieden."
  3. "Ouders en kinderen moeten zich gehoord en gezien voelen zodat zij ook echt een nieuwe start kunnen maken. Dat doen we door ouders en kinderen maar één keer hun verhaal te laten doen en met alle betrokken instanties samen een hersteloplossing te vinden voor de specifieke situatie van de betreffende ouders en kinderen."
  4. "In Groningen kwam de overheid tegenover haar inwoners te staan. Mensen verloren hun vertrouwen, hun gevoel van veiligheid, rechtvaardigheid en waardigheid. Voor het CDA is herstel een lakmoesproef voor een fatsoenlijke overheid. Met het programma 'Nij Begun' is een antwoord gegeven aan Groningen. Dat antwoord moet nu zichtbaar worden bij mensen thuis."