De regering moet een plan maken voor energieonafhankelijkheid. Dit plan moet zich richten op energiebesparing en hernieuwbare energie. Deze doelen moeten ook in de Internationale Veiligheidsstrategie worden opgenomen. Nederland is nu te afhankelijk van het buitenland voor energie. Dat is 77 procent. Gebruik van groene energie en besparing maakt het energiesysteem veiliger en goedkoper.
Motie van de leden Kostić en Teunissen over een integraal plan voor energieonafhankelijkheid
De kamer,
constaterende dat Nederland ondanks eerdere energiecrises nog steeds
sterk afhankelijk is van fossiele importen;
overwegende dat het CBS concludeert dat de Nederlandse energieafhankelijkheid van het buitenland naar 77% is gestegen, en dat de afhankelijkheid van de VS is toegenomen, ondanks de aangenomen motie
Teunissen (21501–20, nr. 2365);
overwegende dat TNO concludeert dat een energiesysteem gebaseerd op
hernieuwbare bronnen en besparing leidt tot lagere systeemkosten en
grotere weerbaarheid;
verzoekt de regering om een integraal plan op te stellen voor energieonafhankelijkheid, met daarin (1) een ambitieus pad voor energiebesparing en
(2) de uitrol van hernieuwbare energie, deze twee pijlers van economische
veiligheid expliciet te verankeren in de Internationale Veiligheidsstrategie,
en de Kamer hierover uiterlijk begin 2027 te informeren.
Argumenten voor: De partij stelt dat ambitieus klimaatbeleid noodzakelijk is en bijdraagt aan energieonafhankelijkheid door de afhankelijkheid van ongewenste landen te stoppen [1]. De basis van de toekomstige energievoorziening moet volgens de partij bestaan uit een mix van wind- en zonne-energie [2]. Ook wordt benadrukt dat er behoefte is aan doortastend beleid en grootschalige investeringen in de energie-infrastructuur om de transitie te laten slagen [3][5][6]. Daarnaast ondersteunt de partij het streven naar strategische autonomie en het verminderen van de afhankelijkheid van landen buiten Europa [4].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten die tegen het streven naar energieonafhankelijkheid, de uitrol van hernieuwbare energie of een integraal plan zijn.
Bronnen:
"Om de schepping te bewaren is ambitieus klimaatbeleid noodzakelijk. Bovendien draagt goed klimaatbeleid bij aan energieonafhankelijkheid: we zijn nu voor onze energievoorziening afhankelijk van landen waar we niet afhankelijk van willen zijn. Dat moet stoppen. Klimaatverandering houdt zich niet aan grenzen: het is een wereldwijd vraagstuk dat een internationale aanpak vraagt. Daarom is het goed dat Nederland zich al jaren, in internationaal verband, inzet voor goede, bindende afspraken om de impact van het menselijk gedrag op het klimaat te verkleinen."
"Het fundament van onze toekomstige energievoorziening bestaat uit een mix van wind en zonne-energie. We faseren de gas- en kolencentrales uit, en vullen het energiesysteem aan met twee nieuwe grote kerncentrales. Daarnaast onderzoeken we de inzet van kleine modulaire kerncentrales (SMR's) van Europese producenten als alternatief voor of aanvulling op grote kerncentrales. Wind op zee vormt de basis. Daarbij passen we het voorzorgsbeginsel toe, zodat negatieve effecten op ecologie en visserij(gemeenschappen) worden geminimaliseerd. Via slimme contracten worden risico's tussen markt en overheid gespreid."
"Het kabinet dat na de verkiezingen aantreedt, moet Nederland van het slot halen. Met dappere keuzes, doortastend beleid, grootschalige investeringen in onderhoud, uitvoering, (energie)infrastructuur en duidelijke wetgeving, komt Nederland uit het stikstofmoeras en krijgen bedrijven perspectief op een duurzame toekomst."
"Nederland (en Europa) moet investeren in de ontwikkeling van hoogwaardige technologie waarmee we als land en continent onafhankelijk worden van de Verenigde Staten en China. Onze digitale infrastructuur, zowel van overheden als bedrijven, is kwetsbaar voor manipulatie door kwaadwillenden. We zijn te veel afhankelijk geworden van partijen buiten Europa. Dat moet anders. Voor het waarborgen van onze strategische autonomie is het hebben van een Europese cloudoplossingen noodzakelijk. Nederland zet zich in om dit te realiseren."
"Wij zien het Akkoord van Parijs en de Europese doelstellingen die daarop zijn gebaseerd als een goede basis. Dat geldt ook voor de Nederlandse Klimaatwet waarin is vastgelegd dat we in 2030 55% CO2-reductie moeten hebben behaald ten opzichte van 1990. De ChristenUnie richt zich op een hogere reductie in 2030, zodat tegenvallers er niet direct toe leiden dat we het minimale doel niet halen. Vermindering van uitstoot in eigen land mag niet leiden tot hogere uitstoot elders. Daarom wordt bij klimaatbeleid zoveel mogelijk ingezet op een Europees gelijk speelveld, met zo min mogelijk weglek. We normeren verstandig, maken gerichte afspraken met (top)sectoren en subsidiëren innovatie, zoals via schoon- en emissieloos bouwen. In het Klimaatfonds trekken we extra geld uit voor energie-infrastructuur, zoals elektriciteits- en wartmenetten, isolatie van huizen en verduurzaming van de industrie, zodat Nederland een sterke en schone industriële sector behoudt."
"Nederland staat voor grote uitdagingen. Een groeiende en vergrijzende bevolking, woningnood, de overgang naar een duurzame energievoorziening, het klimaatvraagstuk, de toekomst van onze landbouw en industrie - het zijn geen nieuwe thema's, maar de urgentie ervan is groter dan ooit. Helaas lopen we vast. Nederland zit op slot. Er worden niet genoeg woningen gebouwd, de aanleg van nieuwe elektriciteitsnetten gaat te langzaam, allerlei vergunningen worden niet verleend. De economie verliest kracht, arbeidsproductiviteit stagneert, verduurzaming wordt belemmerd en het vertrouwen in de overheid brokkelt af."