Plan voor energieonafhankelijkheid

De regering moet een plan maken voor energieonafhankelijkheid. Dit plan moet zich richten op energiebesparing en hernieuwbare energie. Deze doelen moeten ook in de Internationale Veiligheidsstrategie worden opgenomen. Nederland is nu te afhankelijk van het buitenland voor energie. Dat is 77 procent. Gebruik van groene energie en besparing maakt het energiesysteem veiliger en goedkoper.

Motie van de leden Kostić en Teunissen over een integraal plan voor energieonafhankelijkheid

De kamer, constaterende dat Nederland ondanks eerdere energiecrises nog steeds sterk afhankelijk is van fossiele importen; overwegende dat het CBS concludeert dat de Nederlandse energieafhankelijkheid van het buitenland naar 77% is gestegen, en dat de afhankelijkheid van de VS is toegenomen, ondanks de aangenomen motie Teunissen (21501–20, nr. 2365); overwegende dat TNO concludeert dat een energiesysteem gebaseerd op hernieuwbare bronnen en besparing leidt tot lagere systeemkosten en grotere weerbaarheid; verzoekt de regering om een integraal plan op te stellen voor energieonafhankelijkheid, met daarin (1) een ambitieus pad voor energiebesparing en (2) de uitrol van hernieuwbare energie, deze twee pijlers van economische veiligheid expliciet te verankeren in de Internationale Veiligheidsstrategie, en de Kamer hierover uiterlijk begin 2027 te informeren.
30 juni | PvdD | Verworpen: 32–118 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma Volt

Stemverwachting: voor (erg zeker, 95%)

Argumenten voor: De partij wil het gebruik van aardgas drastisch verminderen en inzetten op zonne- en windenergie [1], waarbij hernieuwbare energie een basis vormt voor het toekomstige energiesysteem [2]. Daarnaast streeft de partij naar een Europese Energie-unie om de EU zelfvoorzienend te maken [3] en wil zij de afhankelijkheid van landen buiten de EU verkleinen om de risico's in een onzekere wereld te beperken [4][5]. Ook het beveiligen van toeleveringsketens van cruciale grondstoffen voor de energietransitie wordt gezien als essentieel [6].

Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten tegen het stimuleren van energiebesparing, de uitrol van hernieuwbare energie of het vergroten van de Europese energieonafhankelijkheid.

Bronnen:

  1. "We zorgen dat het verbruik van aardgas in Nederlandse elektriciteitscentrales tussen nu en 2035 elk jaar afneemt. Dat doen we door met onze buurlanden daadkrachtig in te zetten op een daling van het energiegebruik en meer zonne-energie, windenergie en door opslag te regelen. Gasverbruik in huishoudens daalt doordat we vol inzetten op isolatie, slimme apparaten, duurzame warmtenetten en hybride warmtepompen. Aangezien gas in 2035 niet meer de prijs van elektriciteit op de markt bepaalt, is het risico veel lager dat toekomstige geopolitieke conflicten, zoals de oorlog in Oekraïne, gaan zorgen voor extreme elektriciteitsprijzen."
  2. "Hernieuwbare energie en kernenergie worden de basis van het energiesysteem van de toekomst. Wind op zee is hier een cruciaal onderdeel van. De uitrol van windmolens op zee na 2030 moet onverminderd doorgaan, zodat de klimaatdoelstellingen behaald kunnen worden."
  3. "Energie moet duurzaam, betrouwbaar en betaalbaar zijn. Daarom bouwen we aan een Europese Energie-unie: één sterk systeem voor duurzame energie, slimme energienetten en duidelijke regels. Zo zorgt de Europese Unie (EU) zélf voor genoeg energie en versnellen we de energietransitie."
  4. "De Europese Unie moet zichzelf kunnen verdedigen. We zijn nu veel te afhankelijk van de Verenigde Staten; dat is riskant in een onzekere wereld."
  5. "De EU moet belangrijke producten en technologieën vaker zelf maken. Zo verkleinen we de afhankelijkheid van landen buiten de EU. Waar dat niet lukt, moeten we afhankelijkheid verspreiden of zorgen voor wederzijdse belangen."
  6. "We zetten in op een Europese grondstoffenstrategie, waarbij de inkoop van kritieke grondstoffen door het Europese blok wordt gecoördineerd. We breiden het aantal strategische partners uit en beveiligen toeleveringsketens. Zo zijn we verzekerd van een stabiele en humane toevoer van grondstoffen die cruciaal zijn voor onder andere de energietransitie en defensie."