De regering moet bij nieuwe of uitgebreidere taken voor gemeenten altijd genoeg geld meesturen. Nu moeten gemeenten deze taken vaak betalen door te bezuinigen op belangrijke lokale zaken, zoals veiligheid en onderhoud.
Motie van het lid Vermeer over bij het opleggen van taken aan gemeenten altijd structureel voldoende middelen meeleveren
De kamer,
constaterende dat gemeenten steeds vaker extra taken krijgen van het
Rijk;
overwegende dat dit in de praktijk te vaak leidt tot bezuinigingen op
autonome taken, zoals lokale voorzieningen, onderhoud, leefbaarheid en
veiligheid;
overwegende dat Haagse ambities niet mogen worden betaald uit
gemeentelijke basisvoorzieningen;
verzoekt de regering om bij het opleggen van nieuwe of uitgebreidere
taken aan gemeenten altijd structureel voldoende middelen mee te
leveren, zodat gemeenten deze taken niet hoeven te bekostigen door in te
leveren op hun autonome taken;
verzoekt de regering voorts om artikel 108 van de Gemeentewet en artikel
2 van de Financiële-verhoudingswet op deze manier te interpreteren.
Argumenten voor: De partij stelt dat wanneer het Rijk taken bij decentrale overheden belegt, er moet worden gezorgd dat zij deze taken ook kunnen uitvoeren, wat onder andere fatsoenlijke financiële middelen omvat [1]. Daarnaast pleit de partij voor een gegarandeerde ondergrens voor de autonome ruimte van gemeentelijke begrotingen om de autonomie van gemeenten te waarborgen en ruimte te bieden voor investeringen in de lokale samenleving [2]. Verder wordt benadrukt dat de verhouding tussen het Rijk en decentrale overheden gelijkwaardig moet zijn, waarbij financiële afspraken meerjarig en betrouwbaar moeten zijn [3].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten die zich afzetten tegen het structureel meefinancieren van nieuwe taken of tegen het beschermen van de gemeentelijke autonomie.
Bronnen:
"Het Rijk moet investeren in sterke interbestuurlijke samenwerking. Bij het begin van de nieuwe regeerperiode maakt het kabinet afspraken met de gemeenten, provincies en waterschappen over de uitvoering van bestaand beleid en de nieuwe plannen in het regeerakkoord. Voor taken die het Rijk bij decentrale overheden belegt, moet worden gezorgd dat decentrale overheden deze taken ook kunnen uitvoeren, waaronder fatsoenlijke financiële middelen."
"In de afspraken tussen Rijk en gemeenten komt een gegarandeerde ondergrens voor de autonome ruimte van gemeentelijke begrotingen: het samenlevingsdeel. Dit samenlevingsdeel waarborgt autonomie van gemeenten en daarmee ruimte voor investeringen in sport, cultuur, verenigingen, vrijwilligers en buurtprogramma's die de lokale samenleving versterken."
"De gemeente is de eerste overheid. Het CDA pleit voor gelijkwaardige samenwerking en verhouding tussen Rijk en decentrale overheden, waarin iedere bestuurslaag verantwoordelijkheid neemt én levert. Dat vergt meer ruimte in de regelgeving om lokaal te doen wat lokaal nodig is, een lagere verantwoordingslast, en meer ruimte voor de menselijke maat in beleid. Regels en financiële afspraken moeten meerjarig en betrouwbaar zijn."