Meer geld voor gemeenten en provincies

De regering moet afspraken maken met gemeenten en provincies over de nieuwe manier van budgetten, de BBP-systematiek. Deze overheden krijgen nu te weinig geld omdat de inflatiecorrectie te laag was en extra budget niet structureel is gegeven. Hierdoor kunnen zij hun belangrijke taken en opgaven niet goed uitvoeren.

Motie van de leden Zalinyan en Mohandis over overeenstemming met medeoverheden over de wijze waarop de bbp-systematiek financieel-inhoudelijk is ingevoerd

De kamer, constaterende dat de medeoverheden aangeven dat zij bij de invoering van de bbp-systematiek niet geheel gecompenseerd zijn omdat uitgegaan is van een te lage inflatiecorrectie in het voorjaar en dat het volumeaccres 2022 en 2023 niet structureel is toegekend; overwegende dat gemeenten en provincies hierdoor structureel minder middelen krijgen, waardoor belangrijke taken en opgaven minder goed kunnen worden uitgevoerd; verzoekt de regering om zich in te spannen om tijdens de evaluatie van de normeringssystemathiek tot overeenstemming te komen met medeoverheden over de wijze waarop de bbp-systematiek financieel-inhoudelijk is ingevoerd; verzoekt de regering om hierbij in ieder geval de ramingsafwijking tussen het vaststellingsmoment in het voorjaar en de daadwerkelijke inflatie bij jaarafsluiting en het niet structureel uitgekeerde volumeaccres van 2022 en 2023 mee te nemen.
1 juli | onbekend |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma CDA

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij stelt dat voor taken die het Rijk bij decentrale overheden belegt, er moet worden gezorgd dat deze overheden deze taken ook kunnen uitvoeren, inclusief het verstrekken van fatsoenlijke financiële middelen [1].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen de financiële compensatie of de correctie van de bbp-systematiek voor gemeenten en provincies te zijn.

Bronnen:

  1. "Het Rijk moet investeren in sterke interbestuurlijke samenwerking. Bij het begin van de nieuwe regeerperiode maakt het kabinet afspraken met de gemeenten, provincies en waterschappen over de uitvoering van bestaand beleid en de nieuwe plannen in het regeerakkoord. Voor taken die het Rijk bij decentrale overheden belegt, moet worden gezorgd dat decentrale overheden deze taken ook kunnen uitvoeren, waaronder fatsoenlijke financiële middelen."