De regering moet afspraken maken met gemeenten en provincies over de nieuwe manier van budgetten, de BBP-systematiek. Deze overheden krijgen nu te weinig geld omdat de inflatiecorrectie te laag was en extra budget niet structureel is gegeven. Hierdoor kunnen zij hun belangrijke taken en opgaven niet goed uitvoeren.
Motie van de leden Zalinyan en Mohandis over overeenstemming met medeoverheden over de wijze waarop de bbp-systematiek financieel-inhoudelijk is ingevoerd
De kamer,
constaterende dat de medeoverheden aangeven dat zij bij de invoering
van de bbp-systematiek niet geheel gecompenseerd zijn omdat uitgegaan
is van een te lage inflatiecorrectie in het voorjaar en dat het volumeaccres
2022 en 2023 niet structureel is toegekend;
overwegende dat gemeenten en provincies hierdoor structureel minder
middelen krijgen, waardoor belangrijke taken en opgaven minder goed
kunnen worden uitgevoerd;
verzoekt de regering om zich in te spannen om tijdens de evaluatie van de
normeringssystemathiek tot overeenstemming te komen met medeoverheden over de wijze waarop de bbp-systematiek financieel-inhoudelijk is
ingevoerd;
verzoekt de regering om hierbij in ieder geval de ramingsafwijking tussen
het vaststellingsmoment in het voorjaar en de daadwerkelijke inflatie bij
jaarafsluiting en het niet structureel uitgekeerde volumeaccres van 2022
en 2023 mee te nemen.
Argumenten voor: De partij vindt dat de Rijksoverheid recht moet doen aan gemeenten door hen voldoende geld te geven om hun werk te kunnen doen [1]. Een belangrijk uitgangspunt is dat de Rijksoverheid stopt met het overhevelen van taken aan gemeenten zonder dat daar een toereikend budget tegenover staat, kortom: 'geen taken zonder knaken' [1]. Daarnaast wordt gesteld dat gemeenten adequate financiƫle middelen moeten hebben om goed en lokaal toegespitst beleid te kunnen voeren [2].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten tegen het beter financieren van gemeenten of provincies, noch tegen het corrigeren van tekorten in de financiering van medeoverheden.
Bronnen:
"De Rijksoverheid moet recht doen aan gemeenten als eerste overheid. Van alle overheden krijgen burgers vaak het meest te maken met de eigen gemeente, van de wieg tot het graf. Het Rijk geeft gemeenten daarom ruimte, vertrouwen en voldoende geld om hun werk te kunnen doen. De Rijksoverheid stopt met het overhevelen van taken aan gemeenten zonder toereikend budget en herstelt waar dit de afgelopen jaren is misgegaan: geen taken zonder knaken. Gemeenten worden beter gefinancierd zodat ze ruimte hebben voor eigen beleid."
"Het aantal mensen en kinderen dat in armoede leeft moet sterk omlaag. Voor een beter armoedebeleid is het advies van de Commissie Sociaal Minimum de leidraad. Het sociaal minimum moet voldoende zijn om van rond te kunnen komen. Periodiek wordt getoetst of het sociaal minimum nog voldoende is. Ook wordt het niet-gebruik van regelingen teruggedrongen (bijvoorbeeld via gegevensuitwisseling). De verschillen in armoederegelingen tussen gemeenten zijn nu te groot en een aantal verschillende regelingen te ingewikkeld. Dit moet eenvoudiger. Gemeenten moeten adequate financiƫle middelen hebben om goed, lokaal toegespitst armoedebeleid te voeren. De Rijksoverheid gaat weer werken met een doelstelling om de (kinder)armoede te verlagen in plaats van armoede niet te laten toenemen."