Geen korting op productierechten voor boeren

De regering moet boeren niet straffen met een generieke korting op productierechten. Deze maatregel mag niet worden ingevoerd als er geen afspraken zijn over het stikstofpakket.

Motie van de leden Heutink en Van der Plas over geen generieke korting op productierechten als het stikstofpakket niet is geborgd

De kamer, constaterende dat het kabinet van plan is om een generieke korting op productierechten toe te passen als er met provincies en maatschappelijke organisaties geen overeenstemming wordt bereikt over de borging van het stikstofpakket; verzoekt de regering boeren niet te straffen met een generieke korting op productierechten als het kabinet geen overeenstemming bereikt over de borging van het stikstofpakket.
1 juli | Markusz, BBB | Verworpen: 52–98 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma VVD

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij wil af van middelvoorschriften en streeft naar doelsturing, waarbij landbouwbedrijven worden afgerekend op meetbare emissies die passen bij hun specifieke bedrijf [4][3]. Daarnaast wil de partij de onzekerheid voor boeren wegnemen en hen de ruimte geven om te ondernemen [2][5]. Een generieke korting op productierechten zou de onzekerheid vergroten en het ondernemerschap beperken, wat in strijd is met de wens om af te stappen van beperkende regels [5][4].

Argumenten tegen: De partij streeft naar concrete, generieke stikstofreductie waarbij alle sectoren evenredig bijdragen [1] en benadrukt dat er keuzes nodig zijn die leiden tot een forse vermindering van de stikstofuitstoot om de economische schade te beperken [2].

Bronnen:

  1. "Fors verminderen van de stikstofuitstoot: We gaan zorgen voor concrete, generieke stikstofreductie door te sturen op emissies waarbij alle sectoren evenredig bijdragen. Zo komt er weer ruimte voor vergunningverlening. De huidige wetgeving kent reductiedoelen voor de berekende hoeveelheid neerslag op natuurgebieden. We gaan deze KDW-doelen vervangen door sectorgebonden emissieplafonds, inclusief wettelijke tussendoelen, die optellen tot 50% geborgde emissiereductie in 2035. Daarnaast is er een gebiedsgerichte aanpak nodig voor de gebieden waar de problematiek het zwaarst speelt, zoals bij De Peel en De Veluwe, met regionale betrokkenheid noodzakelijke keuzes over aanvullende emissiereductie en extensivering. Rijk, provincies en gemeenten moeten samenwerken om te komen tot een effectieve uitvoering, onder meer met ruimtelijke ordeningsinstrumentarium, ondersteuning van nieuwe verdienmodellen, vrijwillige regelingen en gerichte inzet van middelen voor agrarisch natuurbeheer."
  2. "Nederland zit bovendien op een stikstofslot. Ondernemers snakken naar ruimte en duidelijkheid. Boeren zitten al te lang in onzekerheid. Recent onderzoek toont aan dat de stikstofproblematiek tot tientallen miljarden euro's aan economische schade leidt. We moeten daarom op korte termijn concrete resultaten boeken om te voorkomen dat de bouw van woningen en wegen langer stilligt en dat boeren in nog meer onzekerheid komen. Keuzes die leiden tot forse vermindering van de stikstofuitstoot en het werkbaar maken van de complexe wet- en regelgeving zijn noodzakelijk, zodat Nederland van het slot gaat. Alleen dan krijgen onze ondernemers de broodnodige ruimte om te groeien."
  3. "De boer aan het roer: Op basis van een nationaal stikstofemissieplafond krijgen landbouwbedrijven een reductiedoelstelling met afrekenbare normen per hectare of per dier. Agrarische ondernemers worden dan niet meer afgerekend op modelmatig berekende neerslag, maar kunnen hun emissies monitoren en krijgen de ruimte om te voldoen aan een heldere doelstelling op een manier die past bij hun bedrijf. Bijvoorbeeld met extensivering, managementmaatregelen of stikstofreducerende innovaties."
  4. "Ondernemerschap op basis van doelsturing: We willen een agrarische sector die past bij de draagkracht van de omgeving. Vervuiling en emissies willen we waar nodig dus verminderen. Daarvoor zijn middelvoorschriften, zoals verplichte oogstdata, makkelijk voor de overheid, maar die beperken ondernemerschap. We gaan de handen ineenslaan met het bedrijfsleven om over te gaan op afrekenbare doelen en metingen op bedrijfsniveau. Doelen op het gebied van bodemvruchtbaarheid en waterkwaliteit worden het uitgangspunt van ons bemestingsbeleid. Op het moment dat doelsturing aantoonbaar tot resultaat leidt, schaffen we middelvoorschriften af."
  5. "Als liberalen willen we dat boeren, tuinders en vissers de vrijheid krijgen om te ondernemen. Maar zij zien alsmaar beperkende regels op zich afkomen, terwijl juridische uitspraken en handhavingsverzoeken voor onzekerheid zorgen. De politiek moet daarom duidelijkheid geven over de toekomst, zodat (jonge) boeren weten waar ze aan toe zijn en kunnen investeren in hun bedrijf. Dat kan in samenwerking en in vertrouwen met de betrokken partijen. In het belang van voedselzekerheid op Europees niveau maken we de keuzes die weer ruimte geven voor ondernemerschap."