De regering mag geen extra stappen zetten in het CCA-programma zonder de Kamer te informeren. Het CCA-programma is een Amerikaans project voor onbemande gevechtsvliegtuigen. Investeringen in dit Amerikaanse plan maken een Europees alternatief minder geloofwaardig. Europa heeft eigen onbemande vliegtuigen nodig voor de veiligheid en zelfstandigheid.
Motie van het lid Dassen over op geen enkele manier additionele stappen zetten op het CCA-programma zonder de Kamer daarover te informeren
De kamer,
van mening dat dit kabinet zich volop moet inzetten voor een Europees
alternatief voor onbemenste gevechtsvliegtuigen;
overwegende dat daar niet geloofwaardig aan gebouwd kan worden
wanneer er gelijktijdig miljoenen euro’s geïnvesteerd worden in een
Amerikaanse variant, namelijk het CCA-programma;
verzoekt de regering om in het kader van nationale veiligheid en Europese
soevereiniteit op geen enkele manier additionele stappen te zetten op het
CCA-programma zonder de Kamer daar in een aparte brief over te
informeren.
Argumenten voor: De partij streeft naar het verminderen van de afhankelijkheid van de Verenigde Staten [2][5] en wil een onafhankelijke Europese defensie-industrie opbouwen via de gezamenlijke ontwikkeling en inkoop van wapensystemen [1][5]. Daarnaast wil de partij de strategische autonomie vergroten door te kiezen voor Europese alternatieven [6][4] en ziet zij kansen voor kostenbesparing door betere samenwerking in Europa bij de inkoop van wapensystemen [3].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om de voortzetting van Amerikaanse defensieprogramma's te ondersteunen of om de nadruk op Europese alternatieven te verwerpen.
Bronnen:
"Veiligheid vereist publieke sturing. Onze veiligheid is te belangrijk om alleen aan de markt over te laten. We investeren in een onafhankelijkere, moderne defensie-industrie in samenwerking met Europese partners met wie we gezamenlijk inkopen en ontwikkelen. We specialiseren in onze sterke sectoren. Voor Nederland betekent dit investeringen in maritieme en logistieke capaciteiten en de drone-, sensor-, cyber- en ruimtevaarttechnologie. Strategisch relevante defensiebedrijven komen deels in publieke handen via staatsdeelnemingen. We gaan zo prijsopdrijving en overwinsten tegen zodat gemeenschapsgeld bijdraagt aan collectieve veiligheid en niet eindigt in de portemonnee van wapenspeculanten."
"Investeren in defensie. We committeren ons aan het verhogen van het defensiebudget naar 3,5% van het bbp vanwege de Russische agressie en de noodzaak om ons onafhankelijker te maken van de Verenigde Staten. De krijgsmacht wordt sterker, groter en moderner, met meer gevechtskracht op land, betere luchtverdediging en sterke maritieme en logistieke capaciteiten. We zetten in op innovatie, bijvoorbeeld op het gebied van drones. Hiermee schrikken we Russische agressie af, voldoen we aan onze NAVO-doelstellingen en kunnen we ons land beter beschermen."
"Een verantwoord investeringsplan. Voor het opbouwen van een sterke krijgsmacht zijn forse investeringen nodig en veel tijd. Daar moet een verantwoord investeringsplan voor komen. Vooraf moet duidelijk zijn waarin we gaan investeren, of deze investeringen het internationaal humanitair recht respecteren, en of defensie en de industrie dat geld ook goed kunnen uitgeven. Daarbij streven we naar maximale openbaarheid, onderzoeken we vooraf de belangen van de defensie-industrie en leggen we transparant vast hoe we mogelijke lobby-invloeden en belangenconflicten vermijden. Zo voorkomen we verspilling en onnodige prijsstijgingen. Ook kunnen we kosten besparen met betere samenwerking in Europa bij het inkopen van munitie en wapensystemen."
"Digitale autonomie en industriepolitiek in Europa. Nederland kent veel innovatieve ICT-bedrijven, maar is toch afhankelijk van Amerikaanse en Chinese leveranciers. Samen met Europese partners maken we haast met het bouwen van Europese alternatieven en het stallen van data op Europees grondgebied en zorgen we dat het uitsluitend onder Europees recht valt. Zo maken we de hele overheid minder afhankelijk van landen buiten de Europese Economische Ruimte en bergen we overheidsinformatie veiliger op. Om dit meer kracht bij te zetten investeren we in de Rijkscloud. Voor het stellen van prioriteiten in het bouwen aan digitale autonomie, kiezen we een risico-gedreven aanpak, waarbij we de gehele technologiestack in samenhang benaderen. We ondersteunen initiatieven voor Europese chipfabrieken en sturen bij de Europese Commissie aan op publieke garanties, zoals bij het InvestEU-programma. In Nederland omarmen we het ecosysteem van innovatieve mkb'ers en stimuleren start-ups in de tech-sector. De Rijksoverheid geeft als grootste IT-afnemer van het land de voorkeur aan Europese digitale diensten. Dat leidt tot hoogwaardige werkgelegenheid en versterkt de economie."
"Europese defensiesamenwerking. Defensie moet een gedeelde EUcompetentie worden; besluiten over inzet van de krijgsmacht blijven echter een nationale bevoegdheid. Integratie van de krijgsmachten zetten we voort. We bouwen een onafhankelijke Europese defensie-industrie via de gezamenlijke ontwikkeling en inkoop van wapensystemen, diensten en infrastructuur. We beschermen onszelf en onze infrastructuur tegen cyberaanvallen, desinformatie, spionage en sabotage. We bouwen onze afhankelijkheid van de VS af en plaatsen geen orders meer bij de Israëlische defensie-industrie. Vooruitlopend op toekomstig EU-lidmaatschap kan de EU Oekraïne al integreren via een Veiligheidspact op het gebied van veiligheid en defensie."
"Made in Europe. We kiezen voor een groene en eerlijke economie waarin meer producten in Europa worden gemaakt. Hiermee worden we minder afhankelijk van vervuilende import en krijgen we meer grip op arbeidsrechten en het milieu, en vergroten we onze strategische autonomie. Daarom moet er voor strategische sectoren en technologieën een Europees voorkeursprincipe gaan komen in publieke aanbestedingsregels. Ook op nationaal niveau gaan we onderzoeken of we bij inkoop- en aanbestedingen voorrang kunnen geven aan Europese bedrijven."