Politie mag geen iftars organiseren

De regering moet voorkomen dat de politie personeel of middelen inzet voor het organiseren van iftars (maaltijden tijdens de ramadan). De politie heeft te maken met personeelstekorten en een hoge werkdruk. De beperkte capaciteit moet daarom worden gebruikt voor de veiligheid van burgers en het bestrijden van criminaliteit.

Motie van het lid Coenradie c.s. over bewerkstelligen dat politie-eenheden geen capaciteit, middelen of faciliteiten inzetten voor het organiseren van iftars

De kamer, constaterende dat de politie kampt met personeelstekorten, hoge werkdruk en een tekort aan operationele capaciteit; overwegende dat van de politie als gezagsdrager een neutrale en gezagsuitstralende houding mag worden verwacht; overwegende dat het organiseren van iftars niet behoort tot de wettelijke kerntaken van de politie; van mening dat schaarse politiecapaciteit maximaal moet worden ingezet voor de veiligheid van burgers en de bestrijding van criminaliteit; verzoekt de regering te bewerkstelligen dat politie-eenheden geen capaciteit, middelen of faciliteiten inzetten voor het organiseren van iftars en dit, indien noodzakelijk, expliciet te verankeren in de handelingskaders of gedragscodes van de politie.
2 juli | JA21, BBB, Keijzer, SGP, VVD | Aangenomen: 94–56 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma D66

Stemverwachting: tegen (onzeker, 60%)

Argumenten voor: De partij wil de werkdruk binnen de politie verlichten door meer te investeren in digitale opsporing en minder in te zetten op kleine vergrijpen [1]. Daarnaast ligt de focus op het effectief aanpakken van criminelen [3]. Dit kan worden gebruikt als argument om te stellen dat schaarse middelen niet moeten worden ingezet voor zaken die niet tot de kerntaken van de politie behoren.

Argumenten tegen: De partij streeft naar een politie die midden in de samenleving staat, waarbij de wijkagent tijd en ruimte krijgt om gezag in de buurt op te bouwen en problemen te voorkomen [1]. Bovendien zet de partij in op diversiteitsnetwerken en de bescherming van religieuze gemeenschappen [2], wat een betrokken houding van de politie in de buurt kan ondersteunen.

Bronnen:

  1. "D66 kiest voor een politie die midden in de samenleving staat. De wijkagent krijgt weer tijd en ruimte om mensen te kennen, problemen te voorkomen én gezag in de buurt op te bouwen. We verlichten werk door meer te investeren in digitale opsporing en minder inzet op kleine vergrijpen."
  2. "Haat en geweld tegen mensen vanwege hun geloof, afkomst, seksuele oriëntatie of genderidentiteit neemt toe. Dat moet stoppen. We investeren in gespecialiseerde rechercheurs, betere training bij de politie en diversiteitsnetwerken, zoals Roze in Blauw, het Joods Politienetwerk en het Landelijk Caribisch Netwerk. We nemen extra beveiligingsmaatregelen waar dat nodig is, zoals bij moskeeën en synagogen."
  3. "We pakken criminelen waar het pijn doet. We versterken expertise bij politie en justitie over cybercriminaliteit en criminele geldstromen. Afgepakt crimineel geld vloeit terug naar wijken die het hardst worden geraakt. En omdat criminelen geen grenzen kennen, krijgen Europol en het Europees Openbaar Ministerie eigen opsporingsbevoegdheden."