De regering moet onderzoeken hoe zij bedrijven beter kan beschermen tegen risico's door wijzigend beleid. Grote investeringen door bedrijven duren vaak tientallen jaren. Als het beleid onverwacht verandert, wordt het investeringsklimaat beschadigd. Langjarige afspraken kunnen deze onzekerheid wegnemen.
Motie van de leden Grinwis en Flach over verkennen hoe bedrijven gedurende de terugverdientijd van grote investeringen beter kunnen worden gevrijwaard van beleidsrisico's met een grote negatieve impact op die tijd
De kamer,
constaterende dat grote investeringen door bedrijven vaak terugverdientijden van decennia kennen;
overwegende dat tussentijdse wijzigingen van overheidsbeleid waar bij
investeringsbeslissingen nog geen rekening mee kon worden gehouden,
het investeringsklimaat schaden;
overwegende dat bedrijven bij grote investeringen behoefte kunnen
hebben aan langjarige afspraken met de overheid om specifieke beleidsrisico’s af te dekken bij onvoorspelbaar beleid;
van mening dat de overheid de verantwoordelijkheid draagt zich als een
aan te spreken betrouwbare bondgenoot met commitment op te stellen;
verzoekt de regering te verkennen hoe gedurende de terugverdientijd van
grote investeringen door bedrijven zij beter kunnen worden gevrijwaard
van beleidsrisico’s met een grote negatieve impact op die terugverdientijd, bijvoorbeeld in de geest van de maatwerkafspraken via langjarige
afspraken met bedrijven en/of sectoren, en de Kamer hierover te
informeren.
Argumenten voor: De partij streeft naar een stabiel en voorspelbaar ondernemersklimaat [3][6] en wil 'zwabberbeleid' beëindigen [3]. Daarnaast wordt expliciet aangegeven dat investeringen bij voorkeur moeten worden ondergebracht in langdurige raamovereenkomsten om zekerheid en stabiliteit op de lange termijn te bieden [4]. Ook het onderzoeken van instrumenten zoals garanties om de duurzame industrie te ondersteunen [5] sluit aan bij dit streven naar stabiliteit.
Argumenten tegen: Het programma bevat geen directe argumenten tegen het beperken van beleidsrisico's, maar benadrukt wel dat bedrijven een grotere maatschappelijke rol moeten nemen [1] en dat overheidssteun moet focussen op projecten die maatschappelijk relevant en rendabel zijn [2].
Bronnen:
"In ruil voor investeringen in randvoorwaarden en geharmoniseerde Europese regelgeving door de EU wil Volt dat bedrijven zelf een grotere maatschappelijke rol nemen. Een betere samenwerking tussen overheid, werkgevers en werknemers stimuleert een duurzaam vestigingsklimaat met binding tussen bedrijf, omgeving en maatschappij. Goede bescherming van werknemers, eerlijke bijdragen en meer contact van de overheid met het bedrijfsleven leent daar het fundament voor. Zo wordt verlies van institutionele kennis tegengegaan en wordt de bijdrage van werkgever en werknemer aan de maatschappij weer waardevol. Dat creëert een gezond, duurzaam en voorspelbaar vestigingsklimaat waar bedrijven de ruimte krijgen om te innoveren en te groeien. Zo wordt ruimte gegeven aan de kampioenen van de toekomst."
"We willen bij subsidiëring meer focus op projecten die op de langere termijn maatschappelijk relevant, duurzaam en rendabel zijn, maar nu niet kunnen opstarten door tekort aan fondsen en ook niet op een andere wijze gefinancierd kunnen worden. Projecten met een terugverdientijd van minder dan zeven jaar komen niet meer in aanmerking voor overheidssubsidie."
"We investeren in een stabiel en voorspelbaar Europees vestigingsklimaat. We zetten een duidelijke economische koers uit voor de EU en begeleiden bedrijven en werknemers naar dat toekomstbeeld. Een toekomst waarin risico nemen wordt beloond, duurzaamheid wordt gestimuleerd en innovatieve start-ups de ruimte krijgen om te groeien. We zetten in op voldoende kapitaal voor bedrijven die dat nodig hebben, harmonisatie van regelgeving en we stoppen met zwabberbeleid. Het resultaat is een Europees vestigingsklimaat, waarin bedrijven meegroeien met de samenleving, niet ten koste ervan."
"Readiness 2030-investeringen worden zo veel mogelijk ondergebracht in langdurige raamovereenkomsten voor zekerheid en stabiliteit op de lange termijn."
"De duurzame industrie heeft vaak opstartproblemen doordat zij hun duurzame en circulaire producten moeilijk voor lange termijn af kunnen zetten. We onderzoeken hoe de overheid hier het best kan bijspringen, bijvoorbeeld door middel van garanties of instrumenten gebaseerd op het Europese H2Global."
"We pleiten voor een goede opbouw van Europese randvoorwaarden bij het ondernemen. We investeren in een stabiel ondernemersklimaat, genoeg huisvesting, goede scholen, sociale voorzieningen en een duurzaam stroomnet. Zo zorgen we ervoor dat de EU een aantrekkelijke plaats blijft om zich te vestigen en dat er vertrouwen ontstaat tussen overheid, bedrijven en werknemers."