De regering moet ervoor zorgen dat proactieve dienstverlening alleen in het Nederlands plaatsvindt. Veel mensen met een bijstandsuitkering zijn buiten Europa geboren. Als de overheid mensen in andere talen benadert, kan de steun voor de sociale zekerheid afnemen. Ook wordt de taaleis in de Participatiewet (de wet voor werk en uitkeringen) niet goed nageleefd.
Motie van het lid Ceulemans over waarborgen dat proactieve dienstverlening alleen in het Nederlands plaatsvindt
De kamer,
constaterende dat als gevolg van de Wet proactieve dienstverlening
sprake zal zijn van het actief benaderen van personen om niet-gebruik van
uitkeringen tegen te gaan;
constaterende dat bijstandsuitkeringen, die onder de reikwijdte van het
wetsvoorstel vallen, reeds voor het merendeel naar personen gaan die
buiten Europa zijn geboren en dat tevens de handhaving van de taaleis in
de Participatiewet te wensen overlaat;
overwegende dergelijke zaken ten koste gaan van maatschappelijk
draagvlak voor de sociale zekerheid, zeker wanneer de overheid mensen
proactief gaat benaderen over het recht op een uitkering;
verzoekt de regering te waarborgen dat proactieve dienstverlening
voortvloeiend uit het wetsvoorstel niet in andere talen dan het Nederlands
zal plaatsvinden.
Argumenten voor: De partij wil geen overheidsinformatie in het Arabisch of andere niet-westerse talen [2]. Daarnaast stelt de partij dat er geen bijstand beschikbaar mag zijn voor mensen die geen Nederlands spreken [1].
Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten die een voorkeur voor meertalige dienstverlening door de overheid ondersteunen.
Bronnen:
"Geen bijstand voor wie geen Nederlands spreekt"
"Geen overheidsinformatie in het Arabisch of andere niet-westerse talen"