De regering moet in Europese onderhandelingen een eerste evaluatie van de Cybersecurity Act na drie jaar inzetten. De huidige termijn van vijf jaar is te lang, omdat technologie en digitale dreigingen te snel veranderen. Zo wordt voorkomen dat de wetgeving onnodig belastend of onwerkbaar wordt.
Motie van het lid Van den Berg over een eerste evaluatie van de herziene Cybersecurity Act uiterlijk drie jaar na de volledige toepassing ervan
De kamer,
constaterende dat de voorgestelde herziening van de Cybersecurity Act
voorziet in een eerste evaluatie vijf jaar na de inwerkingtreding;
constaterende dat de implementatie van de voorgestelde wijzigingen naar
verwachting circa anderhalf jaar in beslag neemt;
overwegende dat cybersecuritydreigingen, technologie en de geopolitieke
context zich snel ontwikkelen;
overwegende dat daardoor al vóór een evaluatie na vijf jaar kan blijken
dat bepaalde maatregelen in de praktijk ondoelmatig, disproportioneel of
onnodig belastend zijn;
overwegende dat het kabinet heeft aangegeven open te staan voor een
kortere eerste evaluatietermijn, bijvoorbeeld drie jaar;
verzoekt de regering zich in de Europese onderhandelingen actief in te
zetten voor een eerste evaluatie van de herziene Cybersecurity Act uiterlijk
drie jaar na de volledige toepassing ervan, en de Kamer over de Nederlandse inzet en de uitkomst daarvan te informeren.
Argumenten voor: De partij wil procesmatige barrières en bureaucratie wegnemen om de uitvoering te verbeteren [3]. Daarnaast is er een wens om te voorkomen dat bedrijven door stroperige procedures en regeldruk naar het buitenland uitwijken, wat de economische slagkracht schaadt [1]. Bovendien pleit de partij voor meer controle op de Nederlandse inzet in Europese onderhandelingen door de invoering van een dwingend mandaat [2].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten tegen een kortere evaluatietermijn voor de Cybersecurity Act.
Bronnen:
"Dat de Europese Unie is doorgeslagen met de Green Deal wordt inmiddels breder erkend. De afgelopen maanden zijn daarom al meerdere Brusselse voorstellen ingetrokken, gepauzeerd of afgezwakt. BBB steunt deze bijsturing, maar alleen snoeien in het woud aan duurzaamheidsregels en rapportageverplichtingen is onvoldoende. Er moet ook werk worden gemaakt van versnelde toelating van innovatieve producten. In de praktijk worden vernieuwende technologieën en producten nu zo lang opgehouden door stroperige procedures, dat bedrijven uitwijken naar landen buiten Europa. Dat kost banen, innovatie en economische slagkracht."
"Meer controle over Europese politiek. Nederlandse ministers stemmen in Brussel over nieuwe EU-wetgeving, maar zijn daarbij niet verplicht te handelen volgens de lijn van de Tweede Kamer. In de afgelopen jaren gebeurde het steeds vaker dat de wil van de Tweede Kamer werd genegeerd. Om die reden pleit BBB voor de invoering van een dwingend onderhandelingsmandaat voor Europese wetgevingsvoorstellen, zoals dat gebruikelijk is in het Deense en het Duitse Parlement. Het door de Tweede Kamer verleende mandaat bepaalt de ruimte van de minister bij onderhandelingen en stemmingen op Europees niveau. Bovendien vindt vroegtijdig afstemming plaats tussen ministeries ten behoeve van een nationaal standpunt richting Brussel."
"Behalve in Defensie gaan we stap voor stap verantwoord toegroeien naar investeringen die in breed verband bijdragen aan onze veiligheid en weerbaarheid. Deze bredere uitgaven versterken de nationale veerkracht, wat zich uitbetaalt in voordelen voor zowel de krijgsmacht en de economie als de samenleving als geheel. We kiezen ervoor om technologie in te zetten om de efficiëntie van de krijgsmacht te vergroten en onze manschappen zo min mogelijk in gevaar te brengen. We zullen procesmatige barrières en bureaucratie wegnemen om snelle en effectieve innovatie binnen Defensie en de bijbehorende industrie te garanderen. Minder beleid en meer uitvoering."