Eerdere evaluatie Cybersecurity Act

De regering moet in Europese onderhandelingen een eerste evaluatie van de Cybersecurity Act na drie jaar inzetten. De huidige termijn van vijf jaar is te lang, omdat technologie en digitale dreigingen te snel veranderen. Zo wordt voorkomen dat de wetgeving onnodig belastend of onwerkbaar wordt.

Motie van het lid Van den Berg over een eerste evaluatie van de herziene Cybersecurity Act uiterlijk drie jaar na de volledige toepassing ervan

De kamer, constaterende dat de voorgestelde herziening van de Cybersecurity Act voorziet in een eerste evaluatie vijf jaar na de inwerkingtreding; constaterende dat de implementatie van de voorgestelde wijzigingen naar verwachting circa anderhalf jaar in beslag neemt; overwegende dat cybersecuritydreigingen, technologie en de geopolitieke context zich snel ontwikkelen; overwegende dat daardoor al vóór een evaluatie na vijf jaar kan blijken dat bepaalde maatregelen in de praktijk ondoelmatig, disproportioneel of onnodig belastend zijn; overwegende dat het kabinet heeft aangegeven open te staan voor een kortere eerste evaluatietermijn, bijvoorbeeld drie jaar; verzoekt de regering zich in de Europese onderhandelingen actief in te zetten voor een eerste evaluatie van de herziene Cybersecurity Act uiterlijk drie jaar na de volledige toepassing ervan, en de Kamer over de Nederlandse inzet en de uitkomst daarvan te informeren.
8 september | JA21 | Aangenomen: 150–0 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma JA21

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 75%)

Argumenten voor: JA21 ziet cyberveiligheid als essentieel voor de nationale veiligheid en de bescherming van vitale infrastructuur [1][3]. De partij streeft naar een aanpak waarbij de effectiviteit van maatregelen en investeringen in cyberveiligheid scherp wordt getoetst [1]. Daarnaast vindt de partij dat de Kamer betere handvatten moet hebben om subsidiariteit in Europese verordeningen te waarborgen, zodat de volksvertegenwoordiging tijdig sturing kan geven aan wetgeving met impact op Nederland [2].

Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten om tegen de motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Cyberveiligheid is nationale veiligheid. Nederland is kwets -baar. Een digitale aanval kan onze energievoorziening, ha -vens of democratie platleggen. In NAVO-verband is daarom afgesproken dat 1,5% van het BBP moet worden geïnves -teerd in cyberveiligheid, kritieke infrastructuur en innova -tie. JA21 staat achter deze afspraak en zet in op een stevige en centrale aanpak van deze investering onder één verantwoordelijk ministerie, met één vaste Kamercommissie, en onder scherpe toetsing op effectiviteit."
  2. "Naast de reeds ingebouwde controlemechanismen in de rapportages door ministeries moeten de Eerste en Tweede Kamer betere handvatten krijgen om subsidia -riteit te waarborgen binnen Europese verordeningen en richtlijnen. JA21 staat voor een Europese Unie die trouw blijft aan het subsidiariteitsbeginsel. Er moet onderzocht worden hoe de informatievoorziening verbeterd kan worden opdat deze wetgeving ook een grotere rol kan spelen in het publieke debat. Wetgeving die in Nederland impact heeft, moet tijdig besproken worden in de Tweede Kamer, zodat de volksvertegenwoordiging sturing kan geven. Ministers en staatssecretarissen mogen geen Europese besluiten steunen zonder een mandaat van het parlement."
  3. "Verhoogde dijkbewaking. Bij verhoogde dreiging moet vitale infrastructuur fysiek en digitaal actief worden bewaakt."