De regering moet bij huiselijk geweld in Caribisch Nederland beter bijhouden hoeveel meldingen daadwerkelijk leiden tot hulp en bescherming. Slachtoffers die om hulp vragen moeten erop kunnen vertrouwen dat zij ook echt ondersteuning krijgen.
Motie van de leden Mutluer en Mathlouti over ook bijhouden hoeveel meldingen van huiselijk geweld in Caribisch Nederland leiden tot hulp, bescherming en verdere opvolging
De kamer,
constaterende dat het aantal adviesvragen en meldingen over huiselijk en
relationeel geweld in Caribisch Nederland sterk is toegenomen;
constaterende dat niet duidelijk is hoeveel meldingen daadwerkelijk leiden
tot hulp en bescherming voor slachtoffers;
van mening dat slachtoffers die de moeilijke stap zetten om hulp te
zoeken erop moeten kunnen vertrouwen dat daar ook daadwerkelijk iets
mee gebeurt;
verzoekt de regering om bij de monitoring van huiselijk geweld in
Caribisch Nederland niet alleen bij te houden hoeveel meldingen er
worden gedaan, maar ook hoeveel meldingen leiden tot hulp,
bescherming en verdere opvolging, en de Kamer hierover periodiek te
informeren.
Argumenten voor: De partij streeft naar een zero tolerance-beleid tegen geweld tegen vrouwen en femicide [1]. Er is een expliciete wens om te investeren in laagdrempelige meldmogelijkheden [1], wat nauw aansluit bij het streven om te controleren of meldingen ook daadwerkelijk leiden tot effectieve hulp en bescherming.
Argumenten tegen: Er worden geen argumenten in het programma aangevoerd die de noodzaak van monitoring of effectiviteit van hulpverlening bij geweld in Caribisch Nederland tegenspreken.
Bronnen:
"Wij willen zero tolerance van geweld tegen vrouwen en femicide. Er komt een Nationaal Coördinator tegen Geweld tegen Vrouwen die een nationaal plan gaat opstellen. Er komen veel zwaardere straffen en er wordt geïnvesteerd in handhaving. Wij maken budget vrij voor veilige straten en laagdrempelige meldmogelijkheden. Met een bewustwordingscampagne gaan wij vrouwonvriendelijke stereotypen tegen."