Hulp bij huiselijk geweld in Caribisch Nederland

De regering moet bij huiselijk geweld in Caribisch Nederland beter bijhouden hoeveel meldingen daadwerkelijk leiden tot hulp en bescherming. Slachtoffers die om hulp vragen moeten erop kunnen vertrouwen dat zij ook echt ondersteuning krijgen.

Motie van de leden Mutluer en Mathlouti over ook bijhouden hoeveel meldingen van huiselijk geweld in Caribisch Nederland leiden tot hulp, bescherming en verdere opvolging

De kamer, constaterende dat het aantal adviesvragen en meldingen over huiselijk en relationeel geweld in Caribisch Nederland sterk is toegenomen; constaterende dat niet duidelijk is hoeveel meldingen daadwerkelijk leiden tot hulp en bescherming voor slachtoffers; van mening dat slachtoffers die de moeilijke stap zetten om hulp te zoeken erop moeten kunnen vertrouwen dat daar ook daadwerkelijk iets mee gebeurt; verzoekt de regering om bij de monitoring van huiselijk geweld in Caribisch Nederland niet alleen bij te houden hoeveel meldingen er worden gedaan, maar ook hoeveel meldingen leiden tot hulp, bescherming en verdere opvolging, en de Kamer hierover periodiek te informeren.
8 september | PRO, D66 | Aangenomen: 124–26 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij wil investeren in een aanpak van huiselijk geweld die gericht is op het verbeteren van hulp en het bieden van goede nazorg [1]. Daarnaast benadrukt de partij dat signalen van geweld beter herkend en bestreden moeten worden [2] en dat hulpverlening versterkt moet worden [3]. Specifiek wordt vermeld dat nieuwe wetgeving rondom zedendelicten blijvende monitoring verdient om recht te blijven doen aan slachtoffers [4], een principe dat ook van toepassing is op de monitoring van de effectiviteit van hulpverlening bij geweld.

Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het programma die een argument vormen om tegen de motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Kindermishandeling en huiselijk geweld. We investeren in een aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling gericht op het voorkomen, vroeg signaleren en verbeteren van hulp en het bieden van goede nazorg. Hierbij is oog voor het doorbreken van het patroon waarbij geweld doorgegeven wordt van de ene generatie naar de volgende."
  2. "Femicide: Het doden van een vrouw omdat zij vrouw is, gebeurt bijna wekelijks in Nederland. Aan femicide gaat vaak stalking, bedreiging en mishandeling vooraf. Dergelijke signalen moeten beter herkend en bestreden worden. Vaak komt hulp te laat. Stalking maken we volwaardig strafbaar zonder dat eerst aangifte nodig is. Psychisch geweld en niet-fatale verwurging worden een apart strafbaar feit. Wie stelselmatig geweld pleegt en uiteindelijk overgaat tot femicide,"
  3. "Structurele Aanpak seksuele intimidatie en geweld tegen vrouwen . Geweld tegen vrouwen is een probleem van de hele samenleving. We verbinden de aanpak tegen femicide en huiselijk geweld aan de voortzetting van het Nationaal Actieprogramma tegen seksuele intimidatie en seksueel geweld. Want er liggen dezelfde ingesleten rolpatronen aan ten grondslag. Een regeringscommissaris draagt zorg voor afstemming, begeleidt veranderingstrajecten en jaagt de noodzakelijke cultuurverandering na. We versterken hulpverlening, pakken misstanden aan en hebben aandacht voor zedenwetgeving, zie hoofdstuk 'Justitie en Veiligheid'."
  4. "Zedenpolitie. Wij zetten in op betere opsporing en vervolging van zedendelicten, met speciale aandacht voor de positie van slachtoffers. We investeren in de zedenpolitie. De nieuwe Wet seksuele misdrijven is een stap vooruit, maar verdient blijvende monitoring om recht te blijven doen aan slachtoffers. We monitoren de handhaving van online misbruik, dat toeneemt."