De regering moet opties naar de Kamer sturen om de koopkracht van werkenden te verbeteren. De koopkracht van mensen met een uitkering groeit momenteel sneller dan die van werkenden. Dit is niet in lijn met het coalitieakkoord, waarin staat dat werken meer moet gaan lonen.
Motie van het lid Brekelmans over voor de AFB opties naar de Kamer sturen hoe de koopkracht van werkenden kan worden verbeterd
De kamer,
constaterende dat de koopkrachtontwikkeling van werkenden licht
negatiever is dan de koopkrachtontwikkeling van uitkeringsgerechtigden;
constaterende dat het coalitieakkoord stelt dat het belangrijk is dat werken
meer gaat lonen;
verzoekt de regering om voor de AFB opties naar de Kamer te sturen voor
hoe de koopkracht van werkenden kan worden verbeterd.
Argumenten voor: De partij streeft naar een lagere belastingdruk op arbeid door het uitbreiden van tariefschijven in box 1 en het verlagen van de tarieven, zodat mensen meer geld overhouden [1]. Volgens de partij zal de koopkracht stijgen [4] en zullen alle huishoudens, met name lage en middeninkomens, financieel op vooruitgaan [5]. Daarnaast stijgen de cao-lonen fors, waardoor mensen er in de basis op vooruitgaan [2].
Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten die direct tegen het verbeteren van de koopkracht pleiten, al wordt vermeld dat fiscale hervormingen de prikkel om meer te werken zouden kunnen verlagen [3].
Bronnen:
"We breiden het aantal tariefschijven in box 1 van de inkomstenbelasting uit, en passen deze op zo'n manier aan dat niemand meer onder het sociaal minimum hoeft te leven. Over het algemeen zullen de tarieven lager worden, om de belastingdruk op arbeid te verminderen. Mensen houden zo meer geld over. Samen met het afschaffen van het toeslagensysteem zal dit ervoor zorgen dat het loont om meer te werken."
"De cao-lonen stijgen daarentegen fors: gemiddeld 2,2%-punt per jaar meer dan in het basispad, terwijl de inflatie met 0,6%-punt per jaar toeneemt. Mensen gaan er dus grosso modo op vooruit."
"Onze fiscale hervormingen maken het systeem eenvoudiger, maar verlagen ook de prikkel om meer te werken. Daardoor daalt het arbeidsaanbod, terwijl de vraag naar arbeid stijgt - wat de werkloosheid verder doet afnemen."
"koopkracht stijgt"
"Volgens het CPB gaan alle huishoudens er financieel op vooruit. Vooral lage en middeninkomens profiteren, omdat de:"