De regering moet onderzoeken of de financiering via de Wmo (wet voor maatschappelijke ondersteuning) voldoende is voor de nieuwe EU-regels tegen geweld tegen vrouwen. De huidige financiering zorgt voor regionale verschillen en tekorten in de hulp aan slachtoffers. Als de huidige middelen niet genoeg zijn, moet de regering extra structurele financiering regelen.
Motie van het lid Vliegenthart over voorafgaand aan de wettelijke verankering van de EU-richtlijn inzichtelijk maken of de huidige Wmo-financiering toereikend en passend is
De kamer,
constaterende dat de implementatie van de EU-richtlijn inzake geweld
tegen vrouwen en huiselijk geweld vraagt om voldoende en toegankelijke
slachtofferondersteuning;
constaterende dat deze ondersteuning in verschillende regio’s grotendeels vanuit de Wmo wordt gefinancierd en dat hierdoor verschillen in
capaciteit en aanbod ontstaan;
overwegende dat beperkte Wmo-financiering onder meer leidt tot
knelpunten in casemanagement, netwerkcoördinatie en outreachende
ondersteuning;
verzoekt de regering om voorafgaand aan de wettelijke verankering van
de EU-richtlijn inzichtelijk te maken of de huidige Wmo-financiering
toereikend en structureel passend is om deze verplichtingen in iedere
regio daadwerkelijk uit te voeren en als dit niet het geval is, aanvullende
structurele financiering buiten de bestaande Wmo-middelen te
organiseren.
Argumenten voor: De partij wil de veiligheid en zelfbeschikking van slachtoffers van geweld, met name vrouwen, waarborgen [1] en benadrukt dat het bestrijden van huiselijk geweld essentieel is [3]. Daarnaast wil de partij dat gemeenten de ruimte krijgen om verplichtingen op lokaal niveau uit te voeren zonder dat dit leidt tot extra bezuinigingen vanuit het Rijk [2]. Dit sluit aan bij het verzoek om te onderzoeken of aanvullende structurele financiering nodig is voor de uitvoering van de EU-richtlijn.
Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het programma die een argument vormen tegen het verstrekken van extra financiering voor slachtofferondersteuning of de implementatie van de EU-richtlijn.
Bronnen:
"Voor veel vrouwen staat hun vrijheid en zelfbeschikking onder druk. Denk aan seksuele straatintimidatie, migran -tenvrouwen die slachtoffer zijn van eerwraak en genitale verminking, toenemend partnergeweld of jonge meis -jes die in handen vallen van loverboys. Vaak zien we dat wanneer een slachtoffer actie durft te ondernemen, dit ertoe leidt dat zij hun leven moeten aanpassen aan de da -der, in het belang van hun eigen veiligheid. Dat willen wij omdraaien: niet het slachtoffer, maar de dader moet uit huis worden geplaatst, stevige begeleiding krijgen en, bij veroordeling, de gevangenis in."
"Gemeenten meer ruimte geven voor passende uitvoering van verplichtingen op lokaal niveau, zonder extra bezuinigingen vanuit het Rijk."
"Veiligheid begint thuis. Jaarlijks worden bijna 1,3 miljoen Nederlanders van 16 jaar en ouder slachtoffer van huiselijk geweld. Dat is ruim 7% van de bevolking. Het betreft voor -namelijk - maar niet uitsluitend - vrouwen. Het bestrijden van huiselijk geweld vraagt om een alerte samenleving. Vrienden, familie, buren en collega's van zowel slachtof -fers als daders kunnen signalen opvangen en in actie komen. Het herkennen én handelen bij signalen is van groot belang - het kan erger voorkomen."