Extra geld voor slachtofferhulp bij geweld

De regering moet onderzoeken of de financiering via de Wmo (wet voor maatschappelijke ondersteuning) voldoende is voor de nieuwe EU-regels tegen geweld tegen vrouwen. De huidige financiering zorgt voor regionale verschillen en tekorten in de hulp aan slachtoffers. Als de huidige middelen niet genoeg zijn, moet de regering extra structurele financiering regelen.

Motie van het lid Vliegenthart over voorafgaand aan de wettelijke verankering van de EU-richtlijn inzichtelijk maken of de huidige Wmo-financiering toereikend en passend is

De kamer, constaterende dat de implementatie van de EU-richtlijn inzake geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld vraagt om voldoende en toegankelijke slachtofferondersteuning; constaterende dat deze ondersteuning in verschillende regio’s grotendeels vanuit de Wmo wordt gefinancierd en dat hierdoor verschillen in capaciteit en aanbod ontstaan; overwegende dat beperkte Wmo-financiering onder meer leidt tot knelpunten in casemanagement, netwerkcoördinatie en outreachende ondersteuning; verzoekt de regering om voorafgaand aan de wettelijke verankering van de EU-richtlijn inzichtelijk te maken of de huidige Wmo-financiering toereikend en structureel passend is om deze verplichtingen in iedere regio daadwerkelijk uit te voeren en als dit niet het geval is, aanvullende structurele financiering buiten de bestaande Wmo-middelen te organiseren.
21 september | PRO | Verworpen: 51–99 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma Volt

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij pleit voor een integrale aanpak van geweld tegen vrouwen en stelt dat er een structurele financiering nodig is voor opvang en nazorg [1]. Er is een sterke nadruk op het voldoen aan minimumeisen uit EU-richtlijnen [2] en het behandelen van geweld als een maatschappelijk probleem [3]. Daarnaast wil de partij dat het Rijk de lokale capaciteit actief ondersteunt [4].

Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten die de noodzaak van extra financiering voor de uitvoering van EU-richtlijnen of de ondersteuning van lokale capaciteit bij geweldbestrijding tegengaan.

Bronnen:

  1. "Femicide is de meest extreme vorm van structureel geweld tegen vrouwen en vraagt om daadkrachtig en samenhangend beleid. Volt zet structureel in op de preventie van (ex-) partnergeweld en bescherming van (potentiële) slachtoffers, met een integrale aanpak als uitgangspunt. * Daarom pleiten wij voor vroegtijdige signalering en interventie door een betere samenwerking tussen politie, hulpverlening, gemeenten en justitie. * We voeren landelijk het High Risk Team-model in, waarbij risico's op (dodelijk) geweld tijdig worden gesignaleerd en betrokken instanties gezamenlijk optreden. * Er komt een structurele financiering van opvang en nazorg, zodat vrouwen veilig kunnen vluchten en zelfstandig een nieuw leven kunnen opbouwen. * Er komen ook bewustwordingscampagnes en educatie over relationeel geweld, genderrollen en gelijkwaardigheid. * Ook richten we een crisishulplijn op om femicide te voorkomen. Via het landelijke crisisnummer 116 word je geholpen door specialisten, op momenten dat je echt in gevaar bent en hulp nodig hebt om in veiligheid te komen."
  2. "Volt pleit daarom voor voldoende opvangplekken op structurele basis, waarbij we verplichte kwaliteitseisen stellen aan de opvang en ervoor zorgen dat Nederland voldoet aan de minimumeisen vastgelegd in de Opvangrichtlijn van de EU. IND en COA krijgen structurele en langjarige financiering. Dure noodopvang wordt afgeschaald en uiteindelijk afgeschaft."
  3. "Er moet extra bescherming zijn voor vrouwen in kwetsbare posities. Bijna de helft van de Nederlandse vrouwen heeft aangegeven na haar 15e levensjaar slachtoffer te zijn geworden van lichamelijk of seksueel geweld. Volt wil dat geweld tegen vrouwen niet gezien wordt als privéprobleem, maar als een maatschappelijk probleem en dat de overdracht van huiselijk geweld na één generatie stopt."
  4. "heldere regie vanuit het Rijk, met structurele monitoring, onafhankelijke toetsing en actieve ondersteuning van lokale capaciteit."