Kosten groen gas en energiearmoede

De regering moet jaarlijks onderzoeken wat de bijmengverplichting groen gas en ETS2 (een systeem voor CO2-uitstoot) betekenen voor de energierekening van huishoudens. De stijgende kosten verhogen namelijk het risico op energiearmoede. De regering moet de Kamer informeren en indien nodig maatregelen nemen om deze gevolgen te beperken.

Motie van het lid Van den Berg over een jaarlijkse evaluatie van de gevolgen van beleidskeuzes voor de energierekening en energiearmoede

De kamer, constaterende dat de bijmengverplichting groen gas leidt tot een nog verdere stijging van de kosten voor huishoudens; overwegende dat een hogere energierekening het risico op energiearmoede verder vergroot; overwegende dat de energierekening van huishoudens de komende jaren naar verwachting verder zal stijgen door verschillende beleidskeuzes; verzoekt de regering jaarlijks de gevolgen van de bijmengverplichting groen gas, ETS2 en andere beleidskeuzes voor de energierekening van huishoudens en de ontwikkeling van energiearmoede te evalueren, de Kamer hierover te informeren en zo nodig maatregelen voor te stellen om deze gevolgen te beperken.
21 september | JA21 | Aangenomen: 147–3 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil de stijging van de energierekening dempen, met name voor huishoudens met een krappe beurs [1]. Zij streeft naar gerichte inkomensondersteuning voor huishoudens met energiearmoede, bijvoorbeeld via een noodfonds [2], en wil dat de keuze voor een energiebron zoals een warmtenet financieel aantrekkelijk blijft voor de bewoner [4]. Tevens is het een doelstelling dat het sociaal minimum voldoende is om van rond te kunnen komen [3].

Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het programma die een direct tegenargument vormen voor het evalueren en beperken van de gevolgen van beleid voor de energierekening.

Bronnen:

  1. "De netkosten stijgen komende jaren flink. Dat heeft gevolgen voor de energierekening van zowel huishoudens als bedrijven. We zetten in op een gelijk speelveld met buurlanden en we hebben in het bijzonder aandacht voor de energierekening van huishoudens met een krappe beurs. Via langere afschrijvingstermijnen en het stapsgewijs aflossen van de lening, dempen we de snelle stijging van nettarieven. De ChristenUnie stelt via een kapitaalstorting 10 miljard euro extra beschikbaar voor de netbeheerders, zodat hun financieringskosten laag blijven."
  2. "Waar mogelijk willen we toe naar een lokaal vormgegeven energiesysteem van volledig hernieuwbare energie inclusief mogelijkheden voor batterij-opslag. Energiecoöperaties brengen de energietransitie dichter bij de burger. We investeren in de ondersteuning van deze energiecoöperaties. We willen dat lokale participatie in duurzame energieprojecten wordt gestimuleerd, waarbij ten minste 50% lokaal eigenaarschap het uitgangspunt is. Zo kunnen bijvoorbeeld omwonenden ook profiteren van duurzame opwekking. Er komt gerichte inkomensondersteuning voor huishoudens met energiearmoede (bijvoorbeeld via een noodfonds)."
  3. "Het aantal mensen en kinderen dat in armoede leeft moet sterk omlaag. Voor een beter armoedebeleid is het advies van de Commissie Sociaal Minimum de leidraad. Het sociaal minimum moet voldoende zijn om van rond te kunnen komen. Periodiek wordt getoetst of het sociaal minimum nog voldoende is. Ook wordt het niet-gebruik van regelingen teruggedrongen (bijvoorbeeld via gegevensuitwisseling). De verschillen in armoederegelingen tussen gemeenten zijn nu te groot en een aantal verschillende regelingen te ingewikkeld. Dit moet eenvoudiger. Gemeenten moeten adequate financiële middelen hebben om goed, lokaal toegespitst armoedebeleid te voeren. De Rijksoverheid gaat weer werken met een doelstelling om de (kinder)armoede te verlagen in plaats van armoede niet te laten toenemen."
  4. "Het Nationaal Isolatieprogramma wordt voortgezet en uitgebreid, richting een gerichte wijk-voor-wijkaanpak samen met woningcorporaties. Bij isoleren wordt gezond ventileren de norm. Slecht geïsoleerde huizen pakken we met voorrang aan, straat voor straat, zonder ingewikkelde procedures of subsidieaanvragen, met verplichte sturing op energielabels. Per wijk wordt bepaald wat de beste manier is om van het aardgas af te komen: met individuele opties zoals een (hybride) warmtepomp of via een collectieve voorziening zoals een warmtenet. Waar een warmtenet maatschappelijk optimaal is, moet dit ook voor de bewoner financieel de aantrekkelijkste optie zijn. Nieuwbouw is altijd gasloos, voorziet in ecologische oplossingen en is klimaatbestendig. De geschrapte normering voor hybride warmtepompen voeren we weer in per 2029."