Zekerheid voor defensiebedrijven

De regering moet kritieke defensiecapaciteit borgen met langjarige opdrachten en concrete bestellingen. Deze zekerheid is nodig zodat defensiebedrijven kunnen investeren in personeel, productie en innovatie. Staatsaandeelhouderschap mag pas als laatste redmiddel worden ingezet.

Motie van het lid Ceulemans c.s. over de borging van kritieke Nederlandse defensiecapaciteit primair vormgeven via langjarige opdrachten en concrete bestellingen

Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2026–2027 28 165 Deelnemingenbeleid rijksoverheid Nr. 483 MOTIE VAN DE LEDEN CEULEMANS C.S. Voorgesteld 22 september 2026 De Kamer, constaterende dat Nederlandse defensiebedrijven voor investeringen in productiecapaciteit, personeel en innovatie afhankelijk zijn van voldoende voorspelbaarheid over toekomstige opdrachten; overwegende dat kritieke Nederlandse defensiecapaciteit waar mogelijk moet worden geborgd via langjarige opdrachten en concrete bestellingen, en dat staatsaandeelhouderschap pas aan de orde moet komen wanneer minder vergaande maatregelen zijn genomen; verzoekt de regering het borgen van kritieke Nederlandse defensiecapaciteit primair vorm te geven via langjarige opdrachten en concrete bestellingen en staatsaandeelhouderschap pas als laatste redmiddel in te zetten.
22 september | JA21 | Verworpen: 28–122 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma D66

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij wil belangrijke technologieën stimuleren via subsidies en inkoop door de overheid [1]. Daarnaast benadrukt de partij het belang van het versterken van de defensie-industrie [2] en het borgen van industriële productiecapaciteit [3].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma geeft geen informatie over de visie van de partij op staatsaandeelhouderschap.

Bronnen:

  1. "Nederland loopt internationaal voorop in sleuteltechnologieën. D66 wil die voorsprong benutten om onze maatschappelijke uitdagingen te helpen oplossen. We stimuleren deze belangrijke technologieën met subsidies en inkoop van de overheid. Samen met bedrijven en onderzoekers maken we ambitieuze plannen voor de lange termijn."
  2. "We komen de NAVO-afspraak na om minimaal 3,5% van het bbp aan defensie uit te geven en minimaal 1,5% van het bbp aan de kritieke infrastructuur, civiele paraatheid, veerkracht en het versterken van onze defensie-industrie. Beveiliging tegen hybride oorlogsvoering vraagt om meer dan alleen een sterke krijgsmacht. Minstens zo belangrijk zijn investeringen in de fysieke en digitale infrastructuur, in strategische reserves, in een weerbare samenleving en in het tegengaan van desinformatie. We helpen mensen om te gaan met dreiging en ondersteunen cruciale organisaties bij de maatregelen die zij moeten nemen. Zo blijft het water uit de kraan stromen, het licht in huis branden en de telefoon werken bij aanvallen."
  3. "Moderne oorlogsvoering is gelaagd, hybride en technologisch gedreven, maar blijft ook afhankelijk van klassieke slagkracht en menselijke veerkracht. Daarvoor zijn klassieke investeringen nodig, zoals in genoeg munitie, systemen en materieel, mensen en industriële productiecapaciteit."