Tijdelijke vergoeding voor digitale zorg-apps

De regering moet een plan maken voor een tijdelijke vergoeding van digitale zorg-apps uit het basispakket. Nu hebben jonge bedrijven in de Zorgverzekeringswet (Zvw) bijna geen mogelijkheid om aan te tonen dat hun apps werken. In Duitsland krijgt men tijdelijk wel vergoeding voor apps, waardoor bedrijven de kans krijgen om bewijs te verzamelen voor de toekomst.

Motie van het lid Claassen over een voorstel voor een tijdelijke voorwaardelijke toelating van CE-gecertificeerde digitale zorgtoepassingen tot het basispakket

De kamer, constaterende dat onderzoek in opdracht van de AZWA/IZA-werkgroep Digitale en Hybride Zorg aanbeveelt op korte termijn een voorlopige vergoeding van digitale gezondheidstoepassingen te realiseren als opstap naar structurele vergoeding; constaterende dat de doorbraakmiddelen alleen bestaande bewezen toepassingen opschalen en de NZa voor een gezondheidsapp los van een behandelrelatie geen zorgprestatie kan vaststellen; overwegende dat jonge bedrijven daardoor binnen de Zvw nauwelijks een route hebben om bewijs op te bouwen, terwijl Duitsland apps tijdelijk vergoedt en na een mislukte proefperiode weer schrapt; verzoekt de regering een voorstel uit te werken voor een tijdelijke voorwaardelijke toelating van CE-gecertificeerde digitale zorgtoepassingen tot het basispakket, en de Kamer hierover vóór de Voorjaarsnota 2027 te informeren.
23 september | Markusz | Aangenomen: 150–0 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma PvdD

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij stelt dat behandelingen die nog niet volledig zijn getoetst, toch vergoed moeten worden vanuit het basispakket om de toegang tot zorg voor patiënten te waarborgen [1]. Daarnaast wordt digitale zorg, zoals e-health modules, gezien als een belangrijke vorm van overbruggingszorg om wachtlijsten te verminderen [2].

Argumenten tegen: De partij waarschuwt tegen appdwang en stelt dat zorginstellingen altijd via alternatieve, platformonafhankelijke protocollen bereikbaar moeten blijven [3]. Ook wordt benadrukt dat zorg niet afhankelijk mag zijn van het bezit van een smartphone [4] en dat apps die de privacy niet kunnen waarborgen worden verboden [5].

Bronnen:

  1. "Het Zorginstituut Nederland toetst alle zorg dat uit het basispakket vergoed wordt. Voor sommige aandoeningen is er meer tijd nodig om kennis en bewijs over de behandelingen te vergaren. Patiënten in zulke situaties hebben vaak geen alternatief dan een behandeling die nog niet volledig getoetst is. Ook deze behandelingen moeten vanuit het basispakket vergoed worden, zodat iedereen toegang tot een behandeling heeft."
  2. "Mensen die geestelijke gezondheidszorg nodig hebben, staan soms maanden of jaren op wachtlijsten en krijgen daardoor niet op tijd goede hulp. We dringen de wachttijden in de GGZ terug door te investeren in voldoende omscholings- en opleidingsmogelijkheden, het verminderen van administratieve lasten en het stimuleren van loondienst voor zorgprofessionals. Tot het zover is zorgen we voor voldoende overbruggingszorg, waaronder digitale behandelopties zoals beeldbellen, e-health modules en online groepsbegeleiding."
  3. "Geen appdwang. Diensten van overheid, scholen, zorginstellingen en banken mogen nooit alleen nog maar via apps en platformen van Big Tech bereikbaar zijn. Het blijft voor burgers altijd mogelijk om hun digitale zaken te kunnen regelen via websites enof platformonafhankelijke protocollen."
  4. "We investeren in gebruiksvriendelijke digitale systemen en zorgen voor ondersteuning bij digitale vaardigheden. Zorg mag nooit afhangen van het hebben van een smartphone, laptop of DigiD."
  5. "Systemen die de privacy niet kunnen waarborgen worden afgeschaft of aangepast, zoals de landelijke elektronische patiëntendossiers. Medische dossiers worden niet opengesteld zonder expliciete toestemming. Apps die de privacy niet kunnen waarborgen worden verboden."