Gezonde voeding op Caribische scholen

De regering moet op scholen in Caribisch Nederland gezonde voeding aanbieden. Dit betekent fruit voor elke leerling, gezonde maaltijden en voldoende water. Gebruik daarbij vooral lokale producten. Gezonde voeding is nu vaak te duur of lastig te krijgen door import. Een gezonde leefstijl helpt kinderen om betere schoolprestaties te maken.

Motie van het lid Tijmstra c.s. over het aanbod van gezonde voeding op scholen in Caribisch Nederland uitbreiden

De kamer, constaterende dat leefstijlgerelateerde chronische aandoeningen in Caribisch Nederland vaker voorkomen dan in Europees Nederland en dat een gezonde schooldag, met een maaltijd, voldoende groente en fruit, water drinken en voldoende bewegen, bijdraagt aan betere schoolprestaties, kansengelijkheid en een gezonde levensstijl; overwegende dat gezonde voeding op de eilanden vaak duur en niet altijd beschikbaar is, mede doordat voedsel grotendeels moet worden geïmporteerd en slechts beperkt wordt aangevoerd; overwegende dat op Bonaire met het Bon Salú-programma positieve ervaringen zijn opgedaan en dat scholen en de GGD aangeven dat structurele financiering en uitbreiding van deze aanpak kansen biedt om gezonde voeding, gezondheidseducatie en bewegen met elkaar te verbinden; verzoekt de regering het aanbod van gezonde voeding op scholen in Caribisch Nederland uit te breiden met schoolfruit voor iedere leerling, structurele schoolmaaltijden en het drinken van water, en daarbij te bevorderen dat lokaal geproduceerde producten zoals groenten en fruit worden benut.
23 september | CDA, 50PLUS, D66, PRO, SGP | Aangenomen: 112–38 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 85%)

Argumenten voor: De partij wil de lokale productie van voedsel in Caribisch Nederland ondersteunen [1] en streeft naar het aanpakken van de hoge kosten van levensonderhoud [1]. Daarnaast wordt gesteld dat gezondheidsklachten vaak voortkomen uit zorgen over de dagelijkse kosten [4] en wordt gepleit voor een aanpak waarbij onderwijs en zorg nauw samenwerken om de ontwikkeling van het kind te ondersteunen [3][2].

Argumenten tegen: Er zijn geen argumenten in het programma die de motie tegen de streken komen.

Bronnen:

  1. "We dragen bijzondere verantwoordelijkheid voor de drie bijzondere Nederlandse gemeenten in Caribisch Nederland. De demografische ontwikkelingen op de eilanden vragen om duidelijk beleid. Het leven in de Caribische landsdelen is te duur. We schrappen zoveel mogelijk dubbele importtarieven die de kosten van levensonderhoud onnodig opvoeren. De lokale productie van energie, voedsel en drinkwater wordt ondersteund. We bouwen meer sociale huurwoningen, verbeteren de betaalbaarheid van huren, bijvoorbeeld via huursubsidie, en voeren de Woningwet BES in. De inkomens van werkenden, bijstandsgerechtigden en gepensioneerden omhoog zodat mensen in hun levensonderhoud kunnen voorzien. We introduceren een WW-uitkering op de BES en streven ernaar de onderstand (bijstand) en AOV (AOW) in lijn te brengen met de regelingen zoals die in Europees Nederland gelden. Het aantal zwangerschapsafbrekingen op de BES moet dalen. Er komt betere ondersteuning van jonge ouders, meer hulp voor zwangere vrouwen en verbeterde seksuele voorlichting."
  2. "Ieder kind, ongeacht thuissituatie, achtergrond of leerproblemen, heeft recht op goed onderwijs dat bijdraagt aan een brede ontwikkeling, met ondersteuning die aansluit bij zijn of haar mogelijkheden. De behoefte van het kind staat centraal. We blijven stappen zetten richting inclusiever onderwijs, waarbij alle kinderen zoveel mogelijk naar dezelfde school gaan. Voorwaarde is dat de scholen dit kunnen doen zonder bureaucratie en geschuif met budgetten. Er wordt gekeken naar wat een kind nodig heeft om tot leren te komen en niet naar labels en indicaties. Dit vraagt nauwe samenwerking tussen onderwijs, ouders, jeugdhulpverlening en zorg, met bijbehorende gecombineerde financieringsstromen. Schoolgebouwen dienen beter te worden ingericht op inclusief onderwijs. De overheid zorgt voor voldoende speciaal onderwijs (primair en voortgezet) in elke regio, inclusief volwaardig voortgezet speciaal onderwijs op havo- en vwo-niveau. In het primair onderwijs komt een landsdekkend passend onderwijsaanbod voor (hoog)begaafden met een extra ondersteuningsbehoefte om schooluitval in deze groep terug te dringen. Er wordt aandacht besteed aan soepele terugkeer en doorstroming naar regulier onderwijs, waarbij het leerrecht van kinderen even centraal staat als de leerplicht. Door in te zetten op later selecteren zal de overgang van PO naar VO soepeler verlopen en worden de kansen voor ieder kind eerlijker. Daarvoor kan nu al ingezet worden op brede en verlengde brugklassen."
  3. "Op school ontwikkelen kinderen en jongeren zich en doen ze belangrijke vaardigheden op voor het leven. Maar niet elk maatschappelijk probleem wordt opgelost door het onderwijs. We stoppen met over-diagnostisering en geven het onderwijs ruimte voor brede persoonsontwikkeling. Gemeenten, scholen en samenwerkingsverbanden werken samen aan een goede pedagogische basis, waarin pedagogische relaties worden aangegaan en op elkaar afgestemd. De pedagogische ondersteuning is binnen de school beschikbaar en wordt op een collectieve manier aangeboden en gefinancierd. Zo halen we zorg erbij in de eigen omgeving van het kind, in plaats van dat we kinderen verwijzen naar individuele zorgtrajecten buiten de school."
  4. "Nederland is een welvarend land. Het is onacceptabel dat veel kinderen in armoede, met schaamte en tekorten, opgroeien. Veel gezondheidsklachten komen voort uit zorgen over de kosten van het dagelijks leven. Het is bovendien onrechtvaardig dat er in Nederland werkenden zijn die nauwelijks rond kunnen komen. De ChristenUnie wil armoede structureel terugdringen. Met eerlijke lonen, een rechtvaardiger belastingstelsel en goede schuldhulpverlening."